Home Auteur
Laurent Meuwly over de succesvolle 400-metergroep en kansen op de Spelen

De EK indoor begin maart bleek een ongekend succes voor Nederland. Van de tien Nederlandse medaillewinnaars komen vijf atleten uit de stal van Laurent Meuwly. De 46-jarige Zwitser tilt de 400-metergroep naar een steeds hoger niveau.

Drie keer goud

In april 2019 begon Laurent Meuwly als bondcoach 400 meter, 400 meter horden en estafette bij de Atletiekunie. Onder de indruk van de Nederlandse topsportfaciliteiten maakte hij de overstap van de Zwitserse atletiekfederatie naar de Nederlandse bond. Twee van zijn atleten kreeg hij mee: Lea Sprunger, Europees kampioene op de 400 meter, en Ajla del Ponte, de beste van Europa op de 60 meter. Op Papendal maakte Meuwly onder andere kennis met assistent-coach Bram Peters en Liemarvin Bonevacia, Jochem Dobber, Ramsey Angela, Lieke Klaver en Femke Bol, toppers op de 400 meter en 400 meter horden. Dat deze atleten twee jaar later goed zouden zijn voor drie keer goud en één keer brons komt voor Meuwly niet als een hele grote verrassing. ‘Ik wil niet zeggen dat het meer was dan ik dacht, maar het was geweldig om in Toruń te kunnen laten zien hoe hard we hebben gewerkt afgelopen winter.’ Met goud op de 400 meter én 4×400 meter bij zowel de mannen als de vrouwen was het een intens weekend voor de bondcoach. ‘Voor het toernooi zag het er op papier erg goed uit, maar indoor (vooral op de 400 meter en estafettes) is er altijd een beetje onzekerheid.’

Laurent Meuwly (links) en Bram Peters in gesprek met Ramsey Angela.

Mixed relay

Na een weekje vakantie is de sprintgroep van Meuwly en Peters weer volop in training. Deze zomer lonkt namelijk het hoofddoel. ‘Ik heb zin om de trend van vorig outdoorseizoen door te zetten. Het werk in de winter is belangrijk voor de zomer. We hebben nu drie maanden om te werken aan de finetuning voor de Olympische Spelen.’ Een aantal van zijn atleten heeft zich afgelopen outdoorseizoen al kunnen laten zien bij Diamond Leagues. De bondscoach denkt dat zijn atleten zich in het sportwalhalla van aankomende zomer kunnen meten met de wereldtop. ‘Wereldniveau, vooral op de 400 meter, is next level en de prestaties zitten erg dicht bij elkaar. Echter hebben we met Lieke en Femke twee atleten die kunnen strijden met de absolute top. Onze mannenestafette is ook goed uitgebalanceerd. En we hebben een nieuwe kans.’ Die nieuwe kans wordt voor het eerst in een wedstrijd uitgeprobeerd bij de World Relays. Deze officieuze WK estafette worden op 1 en 2 mei gehouden in het Poolse Chorzów. De Nederlandse atleten gaan voor Olympische kwalificatie en starten op de traditionele 4×100 en 4×400 meter, maar ook bij de ‘mixed relay’. Nederland deed nog nooit internationaal mee op dit onderdeel, waarbij twee mannen en twee vrouwen in zelfgekozen volgorde 4×400 meter lopen. Mocht dit goed uitpakken, dan zullen vier Nederlandse toppers op de Olympische Spelen meedoen aan dit in 2017 geïntroduceerde onderdeel.

Laurent Meuwly begeleidt de estafettevrouwen bij een wedstrijd op Papendal vorig jaar.

Toekomstige Olympisch kampioen

Nog even terug naar de 400-metergroep, waarvoor Laurent Meuwly naar Nederland werd gehaald. Mede door zijn inzichten is de groepsdynamiek op Papendal verbeterd en is het niveau van de toppers op de lange sprint omhooggegaan. Een veel genoemde naam is Femke Bol, het megatalent op de 400 meter horden. De 21-jarige atlete scherpte vorig jaar het Nederlands record aan en won elke wedstrijd die ze liep. Afgelopen indoorseizoen dook ze op de 400 meter bij maar liefst vijf wedstrijden onder de nationale toptijd, waarvan drie keer onder het outdoorrecord. Op zowel de 400 meter vlak als met horden kan Bol dus goed uit de voeten. Volgens haar coach is het echter niet realistisch dat ze op de Spelen beide afstanden doet. ‘Als Femke wil strijden voor een medaille moet ze focussen op één individueel onderdeel. Dat gaat de 400 meter horden worden. Ik heb liever dat ze focust op één onderdeel en op haar best presteert dan dat ze twee onderdelen doet en gemiddeld is.’

‘Ik denk dat ze een tijd kan lopen die op het niveau zit van Olympisch goud.’

Laurent Meuwly over Femke Bol

Meuwly heeft het vertrouwen dat Bol in de vele jaren die nog voor haar liggen Olympisch kampioene op de 400 meter horden kan worden. ‘Ik denk dat ze een tijd kan lopen die op het niveau van Olympisch goud zit. Ze heeft daar de mogelijkheden voor. Op de Spelen van 2024 is ze 24 en vier jaar later 28: de perfecte leeftijd om je prestatiepiek te halen.’ Maar zover is het nog lang niet. Om de beste van de wereld te worden, moet ze nog anderhalve seconde van haar 53.79 seconden afsnoepen. ‘Haar eerste doel is 53 laag lopen en daarna 52.5. Het wereldrecord (52.16) is nog ver weg. Ze is nog steeds een atleet in ontwikkeling op de 400 meter horden. We moeten veel verbeteren aan haar techniek en ze moet meer ervaren worden.’ Er valt dit jaar dus nog genoeg te schaven aan de atlete, die pas in 2019 haar eerste race over 400 meter horden liep. Natuurlijk draait alles om conditionering en het worden van een sterkere en snellere atleet met meer uithoudingsvermogen. Ze moet ook gezond blijven. Ze moet efficiënter over de horden en er korter op zitten. We zijn al aan het werken aan haar start tot de eerst horde en aan meer ritme op de eerste 200 meter. Het is een lopend proces.’

Femke Bol pakt de Europese indoortitel op de 400 meter.

Medailles op de Spelen

Hoewel het een lastige opgave wordt, maakt Meuwly ook met andere atleten kans op een Olympische medaille. ‘Om de finale te halen, moet je er 100 procent klaar voor zijn en ook een beetje geluk hebben (vooral met de estafettes). Het beste dat we kunnen doen is het halen van zes finales en het minimum is drie. Maar drie finales halen zou al beter zijn dan ooit voor Nederland op de 400 meter, 400 meter horden en estafettes. Ik zie ontwikkeling op de estafette meer als een project op de lange termijn. Natuurlijk heb je successen op de korte termijn nodig om perspectief en een goede dynamiek te bieden (zoals op de EK).’ Of hij Dafne Schippers over gaat halen om in Tokio van start te gaan op de 4×400 meter? ‘Als Dafne de 4×400 meter gaat doen, dan loopt ze niet de 4×100 meter. Op dat onderdeel hebben we haar nodig voor een medaille. Maar Tokio is over vier maanden en er kan veel gebeuren op de weg ernaartoe.’

Foto’s: Bjorn Parée, Orange Pictures en Alexander Hassenstein Pictures

0 commentaar
FacebookTwitterEmail

Rik Taam vierde van Europa op zevenkamp: ‘Heel blij’

door Tijn Piest
Rik Taam vierde van Europa op zevenkamp: ‘Heel blij’

Op de EK indoor beleefde Rik Taam een nagenoeg perfecte zevenkamp. In het Poolse Toruń was de 24-jarige atleet met 6111 punten slechts 22 punten verwijderd van het podium. De vierde plaats bij zijn internationaal seniorendebuut is het bewijs hij meekan met de allerbesten.

Verrassend indoorseizoen

Uiteraard kijkt Taam terug op een erg mooi indoorseizoen. Nadat hij in september op de tienkamp boven de ‘magische’ 8000 punten uitsteeg, was 6000 punten op de zevenkamp (indoor) zijn volgende doel. Die grens slechtte hij gelijk bij zijn eerste meerkamp, afgelopen januari in Frankrijk. ‘Op dat moment wist ik wel dat ik fit genoeg was om 6000 punten te scoren, alleen het moest nog wel gebeuren.’ Pas na het voorlaatste onderdeel, het polsstokhoogspringen, werd hem duidelijk dat hij op koers lag voor een fantastisch puntenaantal. In Clermont-Ferrand scoorde hij uiteindelijk 6001 punten, wat wel een beetje als verrassing kwam. Op de NK wilde Taam graag nog verder boven de 6000 punten uitstegen, maar hier kwam het er niet uit. Desondanks veroverde hij met 5904 punten de eerste indoortitel bij de senioren. Na zijn tweede zevenkamp van het seizoen trainde hij door. De meerkamper wist dat er een kleine mogelijkheid bestond om mee te doen aan de EK indoor. ‘Anderhalve week voor de EK kreeg ik te horen dat ik mee mocht doen. Geweldig!’ Met het twaalfde en laatste resultaat ging hij de wedstrijd in, waarna hij met een vierde plaats het strijdtoneel verliet. ‘Het resultaat op de EK kwam wel als een verrassing. Ik wist dat ik goed was, alleen had ik niet verwacht dat dit er nu al uit zou komen.’

‘De prestatie laat zien dat ik nu thuis hoor bij de wereldtop van de meerkamp.’

Ruime voorsprong op dag 1

Zaterdag 6 maart begon hij aan zijn eerste zevenkamp op een internationaal kampioenschap. Het eerste onderdeel is de 60 meter, die voor Taam ‘redelijk goed’ verliep. In Arena Toruń liep hij na een minder goede start, maar sterk eindstuk naar een tijd van 6.94 seconden. ‘Het is altijd fijn om de meerkamp te beginnen met een prestatie in de buurt van je persoonlijk record.’ De meerkamper wist dat hij op het verspringen de meeste punten kon winnen ten opzichte van zijn toenmalig persoonlijk record. ‘Toen ik begon met 7.07 meter schepte dat voor mij al vertrouwen. Mijn tweede poging was 7.29. Hier was ik erg tevreden mee en had ik besloten om de laatste poging over te slaan.’ Net als bij het verspringen, kon de atleet met de kogel veel winst behalen. In zijn eerste poging stootte hij al verder dan zijn 14.18 in Frankrijk. ‘In mijn laatste poging kwamen daar nog een aantal centimeters bij (14.52).’ Het hoogspringen verliep in het begin wat minder soepel dan zijn vorige onderdelen. ‘Mijn aanloop klopte even niet en ik moest alles weer even op orde krijgen. Gelukkig lukte dit en kon ik doorspringen tot een hoogte van 2.04. Een hoogte die ik al lange tijd niet heb gesprongen. Ik was zeer tevreden!’ Na de eerste dag stond hij al ongeveer 80 punten voor op zijn beste zevenkamp. Het resultaat was een zesde plaats en een kleine 40 punten verschil met de nummer drie.

Kevin Mayer, Pawel Wiesiolek en Rik Taam in actie op de 60 meter.

Zeer geslaagde tweede dag

Ook de tweede dag van de indoormeerkamp begon goed voor Taam. Zijn tijd van 8.13 op de 60 meter horden was sneller dan in zijn beste meerkamp. ‘Hierdoor had ik weer meer punten te pakken!’ Het technische polsstokhoogspringen is altijd even spannend voor de atleet. Drie sprongen ongeldig op je aanvangshoogte en je krijgt nul punten toegewezen. ‘Het inspringen ging erg goed en dit gaf veel vertrouwen. Mijn aanvangshoogte van 4.40 behaalde ik in één keer, net zoals 4.60, 4.70 en 4.80. Op 4.90 wilde ik net iets te veel doen, waardoor mijn aanloop en sprong niet meer klopte. Ik was erg blij met 4.80, net iets onder mijn persoonlijk record (4.83).’ Na dit zesde en voorlaatste onderdeel stond Taam nog steeds ruim 100 punten voor op zijn meerkamp in januari. Het moest wel gek lopen op de afsluiteinde 1000 meter om geen score boven de 6100 punten te halen. Op die afstand moest hij onder de 2:36.5, wat hem al twee keer in een meerkamp was gelukt. ‘Dit moest goedkomen.’ De 1000 meter verliep zoals plan. Na de start liep Taam al snel weg bij zijn concurrenten. Het podium halen was een lastige opgave, maar niet uit te sluiten. Na een aanvallende race op de 1000 meter kwam hij met ruime voorsprong in 2:35.35 over de streep. Dat leverde hem 926 punten op, waardoor hij met een recordscore van 6111 punten naar huis ging. Slechts 22 punten achter bronzen medaillewinnaar Pawel Wiesiolek, maar de Pool was nauwelijks meer te achterhalen na het polsstokhoogspringen. ‘Ik ben heel blij’, kijkt Taam terug op zijn vierde plaats op de EK. ‘Als reserve mogen meedoen en als vierde eindigen, klinkt bijna onrealistisch. De nummer drie heeft veel ervaring en hij had een relatief makkelijk: zorgen dat ik niet te veel uitloop. Ik heb er alles aan gedaan om derde te worden en helaas is dit net niet gelukt. Echter ben ik zeer tevreden met mijn 6111 punten. De prestatie laat zien dat ik nu thuis hoor bij de wereldtop van de meerkamp.’

Rik Taam schaaft aan zijn sprinttechniek op Sportcentrum Papendal.

Door PR naar Spelen

Nu het indoorseizoen achter de rug is, komen er voor Taam enkele rustige weken aan. Voor de atleten op Papendal staat in april een trainingsstage in het Turkse Belek gepland. Hier zal de meerkamper de intensievere trainingen weer oppakken. ‘De focus tijdens het buitenseizoen zal vooral liggen op hetgeen dat ik dit EK goed heb gedaan: presteren rondom mijn persoonlijke records. Er zijn op een aantal onderdelen nog technische punten waarop ik nog flinke stappen kan gaan maken. Hier gaan we mee aan de slag.’ Op 30 en 31 mei staat de prestigeuze Hypomeeting Götzis op het programma. Deze meerkampwedstrijd wordt door de wereldatletiekbond als sterkst bezette ter wereld beschouwt. Uiteraard hoopt Taam hier mee te doen. ‘Ik ga nog even met mijn coach (Ronald Vetter) overleggen wat de meest logische en verstandige stap is. Ik kijk zeker uit naar outdoor. De tienkamp is uiteindelijk waar het allemaal om draait.’ Het hoofddoel komend outdoorseizoen is de Olympische Spelen. Om mee te doen moet Taam eerst zijn persoonlijk record op de tienkamp (8031 punten) aanscherpen. De limiet voor Tokio staat op 8350 punten. Daar streeft hij naar, hoewel kwalificatie via het wereldwijde systeem World Rankings (top 24 van de wereld) realistischer is. Op de meerkamplijst staat hij momenteel op plaats 46, maar in de buitenlucht kan hij nog flink stijgen. ‘Ik ga er alles aan doen om mijzelf zo goed mogelijk weg te zetten voor de Olympische Spelen.’ In de toekomst hoopt Taam elk jaar op de internationale kampioenschappen mee te doen. ‘Ik wil graag elk toernooi behalen (EK, WK en Olympische Spelen) en hier mijn beste prestatie ooit neerzetten.’

Foto’s: Grzegorz Olkowski (European Athletics) en Maureen Rots (MaureenRotsFotografie)

Bepdfs
0 commentaar
FacebookTwitterEmail

Laurent Meuwly: motor achter de 400-metersuccessen

door Tijn Piest
Laurent Meuwly: motor achter de 400-metersuccessen

Laurent Meuwly is één van de succesvolste coaches van afgelopen outdoor,- en indoorseizoen. De bondscoach leidde uitblinkers Femke Bol, Lieke Klaver, Jochem Dobber en Ramsey Angela van het ene naar het andere succes op de 400 meter. Een interview met de 46-jarige Zwitser over zijn successen, de groepsdynamiek en zijn hoge verwachtingen voor de Olympische Spelen.

In oktober spraken we Laurent Meuwly, de succescoach van onder andere Femke Bol, Lieke Klaver, Jochem Dobber en Ramsey Angela. Meuwly was bij het succesvolle EK Atletiek in Torun betrokken bij drie van de zeven Nederlandse EK medailles.

Wat doe je precies bij de Atletiekunie en sinds wanneer ben je daar werkzaam?

‘Ik werk als bondscoach 400 meter en 400 meter horden sinds april 2019. Ik ben ook hoofdcoach van de 4×100 meter en 4×400 meter estafettes.’

Lees ook: Alles over het succesvolle EK Indoor in Torun

Hoe ziet een week er voor je uit? Welke atleten heb je onder je hoede?

‘Mijn week is best druk :). Elke atleet heeft negen trainingen per week in een normale trainingsweek. Maar omdat ik twaalf atleten coach, doe ik het in twee groepen. Ik geef dus vier trainingen op maandag, woensdag en vrijdag en twee trainingen op dinsdag, donderdag en zaterdag. Naast trainingen monitor, analyseer en plan ik. Natuurlijk hebben we ook een aantal meetings met de technische staf.’

Welke atleten heb je onder je hoede?

‘In 2020 coachte ik Femke Bol, Eva Hovenkamp, Maureen Ellsworth, Lieke Klaver, Eveline Saalberg, Terrence Agard, Ramsey Angela, Isayah Boers, Jochem Dobber en Nout Wardenburg. Naast deze groep ben ik ook de personal coach van Ajla Del Ponte en Lea Sprunger.’

Lees ook: Top 5 supplementen voor hardlopers

Foto: Orange Pictures

Hoe kijk je terug op het succesvolle outdoorseizoen van de afgelopen maanden?

‘Ik denk dat het werk en de verbetering al startte in de winter. Het was een kort indoorseizoen zonder internationale toernooien, maar een deel van de verbeteringen startten daar. Daarna werkten we heel goed en hard tijdens de lockdown. We hadden geen baan en een geïmproviseerde krachtruimte, maar hielden de atleten erg gemotiveerd en gefocust. We dachten toen niet aan wedstrijden die misschien nog zouden plaatsvinden, maar iedereen deed zijn best om beter te worden. De eerste testen en wedstrijden lieten al goede resultaten zien. Uiteindelijk hadden we een geweldige zomer met veel wedstrijdmogelijkheden in het buitenland. De vijf Diamond Leagues, drie beste jaarprestaties in Europa en één beste wereldjaarprestatie binnen de groep belonen de geweldige dynamiek tussen de atleten. Zij pushten elkaar erg hard tijdens de voorbereiding, maar ook in wedstrijden.’

Afgelopen seizoen zijn Femke Bol, Lieke Klaver en Jochem Dobber uitgeblonken. Kun je verklaren waarom zij zoveel successen boekten?

‘In feite maakten deze drie atleten veel progressie dit seizoen. Niet alleen met hun tijden, maar ook door het winnen van internationale races. Net als de rest van de groep trainden ze erg goed, bleven ze blessurevrij en maakten ze ook mentaal een grote stap. Ze racen niet om gewoon deel te nemen en zo snel mogelijk te zijn. Ze racen om te winnen! Dat is een groot verschil.’

Lees ook: LAURENT MEUWLY DURFT SUCCESSEN AAN TE KONDIGEN

Hoe is het om als coach de successen van de 400-meterlopers mee te maken?

‘Ik ben ingehuurd om de 400 meter en 400 meter horden in Nederland te ontwikkelen, dus eigenlijk doe ik gewoon mijn werk. Ik ben blij dat het zo goed en snel werkt. Ik heb de kans om dagelijks te werken met bijna alle beste atleten op Papendal. Dit helpt om efficiënter te zijn en geeft een erg leuke groepsdynamiek. De weerstand in training en groeiende perspectieven met competitieve estafettes helpen om het programma beter te maken. Ik ben erg trots op wat we bereikten in achttien maanden. Er is nog steeds veel ruimte voor verbetering en 2021 is een goede gelegenheid voor de individuele atleten en estafetteams om te shinen.’

Wanneer beginnen jullie weer met trainen voor 2021?

‘Officieel starten we op 12 oktober. Sommige atleten iets eerder, sommigen iets later. We zullen een goede en lange voorbereiding hebben om klaar te zijn voor de indoorwedstrijden met een EK en WK en daarna voor de World Relays in mei, voordat we focussen op de Olympische Spelen. Voor één of twee atleten staan de EK onder 23 jaar ook op het programma.’

‘Als alles perfect loopt, kunnen sommige atleten en één of twee estafetteteams erg dicht bij de medailles komen.’

Volgend jaar zijn de Olympische Spelen. Wat kunnen we verwachten van je atleten? Wie gaan er denk je uitblinken in Tokio?

‘2021 gaat hopelijk een erg druk jaar worden. Ik hoop dat drie individuele atleten op de 400 meter horden, vijf atleten op de 400 meter en drie estafetteteams zich kwalificeren. Dat zou een enorme prestatie zijn en een grote erkenning voor het programma. We willen het gat met het internationale niveau dichtmaken op deze onderdelen. Het zou geweldig zijn om vier Olympische finales te halen (twee individueel en twee estafette). Als alles perfect verloopt, kunnen sommige atleten en één of twee estafetteteams erg dicht bij de medailles komen. Top vijf of beter voor Femke, top 12 of beter voor Lieke en de Mix Relay en vrouwenestafettes in de finale met een serieuze kans voor medailles. Dat is wat ik wens voor 2021. Maar ik vergeet niet de WK indoor, EK indoor en World Relays. Bij de World Relays in Polen willen we kwalificeren voor de 4×400 meter mix. Deze wedstrijden zullen ook erg belangrijk zijn en ik verwacht daar ook een aantal goede resultaten.’

Foto’s: Bjorn Parée en Erik van Leeuwen

0 commentaar
FacebookTwitterEmail

Liemarvin Bonevacia hoopt bij EK indoor nog sneller te zijn dan Nederlands record

door Tijn Piest
Liemarvin Bonevacia hoopt bij EK indoor nog sneller te zijn dan Nederlands record

Bij de NK indoor beleefde Liemarvin Bonevacia een geweldige comeback. Na veel hamstringproblemen liep de 31-jarige sprinter in Apeldoorn een Nederlands indoorrecord op de 400 meter. Met de beste Europese seizoenstijd op zak gaat hij dit weekend bij de EK indoor voor het podium.

Op vrijdag 5 maart staan de voorrondes (10:17 uur) en halve finales (19:25) van de 400 meter mannen op het programma. De finale in Arena Toruń wordt zaterdagavond om 20:10 uur gelopen. De liveblog en livestreams vind je hier.

Best wel goede race

We kennen Liemarvin Bonevacia van zijn vaak opgewekte en uitbundige interviews. Na de FBK Games van 2018 liet hij bijvoorbeeld na afloop weten dat hij ‘zo, zo, zo blij!’ is. Wij belden hem een paar dagen na zijn fantastische prestatie op, maar anders dan verwacht reageerde hij heel koel: ‘Ik voel me goed’. Op zondag 21 februari stal hij de show op de 400 meter in Omnisport Apeldoorn. De flamboyante atleet, geboren op Curaçao, kende een razendsnelle start. Bij het ingaan van de tweede en laatste ronde nam Ramsey Angela de leiding over. Bonevacia wachtte in tweede positie iets af en liep in de laatste 100 meter weg bij zijn concurrenten. Op de ‘home straight’ trok hij goed door, hoewel Tony van Diepen nog aardig in de buurt kwam. Met 45 seconden en 99 honderdsten was er niet alleen de Nederlandse titel, maar ook een Nederlands record voor Bonevacia. Veertien honderdsten liep hij onder de nog geen twee jaar oude toptijd van Van Diepen. ‘Mijn race ging best wel goed’ reageert hij kalm. ‘Ik wilde 45 seconden op de NK lopen. Het ging net als mijn trainingsplan.’ Na 200 meter kwam hij rond zijn gewenste tijd door. Ik wilde 21.5-21.6 openen. Het was ietsje sneller: 21.48. Mijn tweede stuk was het belangrijkste. De versnelling tussen 200 en 300 meter heeft mij een mooie tijd gebracht.’

Blessures

Een mooie comeback na kwakkeljaren vanaf 2017. In dat jaar liep hij zijn laatste goede race, zo laat hij weten. Dat was de EK indoor in Belgrado, waar hij een bronzen medaille veroverde. Na het toernooi begon hij hamstringblessures en stressfacturen te krijgen. ‘Het waren niet zo prettige jaren. Elk jaar had ik iets anders. Ik kon niet optimaal trainen en daardoor was er geen echt mooi resultaat. Ik liep gewoon 46’ers (op de 400 meter).’ Des te mooier het resultaat op de NK indoor afgelopen maand. Bonevacia wist dat hij niet alleen zichzelf, maar ook zijn tegenstanders kon verrassen. ‘Ik wist het, want ik heb heel erg goed getraind. Maar ik moest het echt eruit halen.’

Liemarvin Bonevacia houdt Tony van Diepen achter zich op de NK indoor.

Carbonspikes

Sinds 2019 heeft Bonevacia geen kleding- en schoenensponsor meer. De 400-meterloper loopt daarom niet op de innoverende spikes waarin een carbonplaat is verwerkt. Echter maakt het hem niet zoveel uit op welke soort hij loopt. ‘Het helpt je wel, want het is een innovatie. Meerdere merken gaan die spikes maken, maar tot nu toe loop ik fijn op de spikes die ik nu heb. Als ik een sponsor krijg die wil dat ik op carbonspikes loop, dan doe ik het.’ Dat steeds meer hardloopschoenen een carbonfiberzool in de zool krijgen, vindt Bonevacia een mooie ontwikkeling. Hij vergelijkt de vernieuwing met de ontwikkeling van atletiekbanen. ‘Het is net als de overgang van tartanbanen naar mondobanen. De spikes en de banen worden sneller. Ik heb daar geen enkel probleem mee. Als je op carbonspikes loopt, betekent dat niet meteen dat je alle limieten gaat halen. Ik moet er hard voor werken.’

‘Ik denk dat ik nog harder kan dan 45.99. Ik neem alle rondes als een finale en in de finale kan alles gebeuren.’

Liemarvin Bonevacia over de EK indoor

Podium op EK indoor

Sinds de NK indoor hield Bonevacia veel rust en focus. Ook zette hij na overleg met coach Laurent Meuwly de puntjes op de i. Samen met Bram Peters is hij de motor achter de successen op de lange sprint. Vorig jaar maakte Bonevacia de overstap van Bahrein naar de 400-metergroep op Papendal, waar hij nu fulltime zijn trainingen afwerkt. Op het sportcentrum traint hij onder meer met Jochem Dobber, Lieke Klaver en Femke Bol. ‘Ze pushen je en slepen je door de successen.’ Maar op welke locatie hij traint, maakt hem niet zoveel uit. ‘Waar ik atletiek kan doen, voel ik mij thuis. Als ik gewoon mijn mentale rust heb, gaat alles goed.’ Waar hij zich ook thuis zal voelen is Toruń. Vrijdag 5 maart begint hij in Polen aan zijn derde EK indoor. De Nederlands recordhouder outdoor en indoor denkt dat hij op die indoorbaan nog harder kan dan zijn 45.99. ‘Ik neem alle rondes als een finale en in de finale kan alles gebeuren.’ Bonevacia heeft geen hoge verwachting, maar denkt dat een podiumplaats op zaterdagavond mogelijk is. Daarnaast hoopt hij op zondagavond te vlammen met zijn teamgenoten op de 4×400 meter, het slotstuk van het toernooi. Maar eerst gaat de focus op de individuele 400 meter. ‘Als ik competitief ben, dan ben ik op mijn best. ‘Ik kan niet het vertrouwen hebben voor 45 seconden of een medaille. Ik moet daarvoor werken. Ik moet daar zijn en gewoon rennen! Als ik mijn ding doe, ben ik heel gevaarlijk op kampioenschappen. Ik focus mij niet op concurrentie, maar op mijn eigen plan. Elke ronde goed doorkomen en dan die mooie medaille’ blikt hij uiteindelijk vooruit.’

Estafette op de Spelen

Het grote doel van Bonevacia is natuurlijk de Olympische Spelen deze zomer. In 2012 en 2016 was hij er op de 400 meter bij, in Tokio wil hij zowel op de individuele afstand als de estafette meedoen. ‘Ik wil voor de eerste keer met de 4×400 naar de Olympische Spelen.’ Daarvoor moet het Nederlands team bij de beste acht landen van de wereld zitten. Daarnaast wil Bonevacia dit jaar zijn Nederlands record in de buitenlucht (44.72) verbreken. De gevraagde tijd voor de 400 meter op de Spelen is 44.99. ‘Ik wil gewoon de Olympische Spelen halen. Dat is mijn grootste doel. Ik weet zeker dat ik harder dan die 44.72 kan lopen. Ik ben gefocust en als ik gezond blijf kan ik mooie dingen bewijzen’ sluit hij af.

Foto’s: Erik van Leeuwen

Ontvang 15% korting op Whey Recovery GoldWhey Classic Gold en Caseïne Gold van Virtuoos. Gebruik bij het afrekenen de code Eiwit15.

Porn videos
0 commentaar
FacebookTwitterEmail

Luuk Maas haast wereldrecord 5 kilometer: ‘Erg dankbaar werk’

door Tijn Piest
Luuk Maas haast wereldrecord 5 kilometer: ‘Erg dankbaar werk’

Het wereldrecord op de 5 kilometer, dat onlangs werd verbeterd, heeft een Nederlands tintje. Luuk Maas hielp Beatrice Chepkoech in Monaco van start tot finish naar een tijd van 14:43 minuten. In april gaat hij zijn landgenoten op de marathon hazen naar een tijd onder de Olympische limiet, maar zijn hoofddoel is de EK onder 23 jaar. Genoeg redenen voor een interview met de 21-jarige Maas.

Veel wind

Slechts 26 atleten stonden zondag 14 februari aan de start van de Monaco Run, onder wie Beatrice Chepkoech. Ze was erop gebrand het wegrecord van Sifan Hassan (14:44, women’s-only race) en daarmee ook de toptijd van Caroline Kipkirui (14:48, mixed-gender race) te verbeteren. Een snelle 5 kilometer in de stad waar Chepkoech in 2018 het record op de 3000 meter steeplechase verbrak. In overleg met haar coach Bram Som was een plan opgesteld om een zo constant mogelijk tempo te lopen. Kilometers van 2:57, waarbij de eerste kilometer wat harder mag. Op de wedstrijddag was er echter sprake van harde wind in Monaco-Ville, die de lopers in de eerste helft vol tegen hadden. Tijdens het inlopen over het parcours bedacht Luuk Maas zich. Samen met Chepkoech besloot hij om wat voorzichtiger van start te gaan, waarna haas en atleet in de tweede helft hun slag moesten slaan.

‘De eerste 500 meter moest ik Beatrice wat in bedwang houden. Ze zag de snelle mannen voor ons uit vertrekken en neigde een beetje om in hun tempo mee te gaan. Gelukkig nam ze wat gas terug en konden we zo toch nog een behouden eerste kilometer lopen. Zoals ik al zei stond er in de eerste helft erg veel wind, met name vanaf waar we de tunnel ingingen (na ongeveer 700 meter). Dat betekende dat we de eerste helft moesten ”overleven” en moesten profiteren van de wind in het tweede gedeelte. Vanaf 3 à 3,5 kilometer merkte ik dat Beatrice het zwaar begon te krijgen, wat logisch is in deze fase van de wedstrijd. Ik probeerde haar te motiveren om te blijven pushen en zei dat we nog op schema lagen voor het wereldrecord.

De laatste kilometer begon met een afdaling, waarbij we flink gingen versnellen. Uiteindelijk heb ik haar tot aan de finish geprobeerd aan te moedigen om te blijven gaan en dat deed ze. Beatrice finishte vijf seconden onder het oude wereldrecord.’

Gave ervaring

Uiteraard was Luuk Maas erg blij dat hij in Monaco weer kon starten bij een wedstrijd. Zijn laatste wedstrijd was de 10.000 meter in Valencia afgelopen oktober. ‘Er lijken langzaam weer wat wedstrijden op de kalender te komen, dus ik vond het fijn om met deze haasklus weer het wedstrijdritme op te pakken. Daarnaast was het natuurlijk een enorm gave ervaring om een bijdrage te mogen leveren aan een wereldrecord. Het is erg dankbaar werk!’

Lees ook: Onze favoriete hardloopboeken

Blij was hij ook met de organisatie van de 5 kilometer in Monaco, die coronaproof een topwedstrijd neerzette. ‘De organisatie was echt top. Uiteraard is het door corona allemaal net wat anders: een best klein veld en geen recreatielopers.’ Volgend jaar hoopt de Nederlander terug te keren naar Monaco, maar dan niet als haas. ‘Het parcours was supersnel. Ik hoop er volgend jaar zelf te kunnen racen.’

Tenerife

Afgelopen woensdag vertrok Maas samen met Björn Koreman naar Tenerife. Twee weken trainen ze in de warmte van het Spaanse sporteiland. ‘Het weer is in ieder geval lekker, maar het is even wennen aan de warmte. Donderdag heb ik 8x 1000 meter op de baan gedaan met 50-60 seconden pauze. Het was pittig door de warmte en er stond een stevig windje. Het is nog een beetje zoeken naar vlakken paden, want tot nu toe is het erg heuvelachtig, maar al met al is het goed te vertoeven!’ Na zijn warmtestage loopt hij een 10 kilometer in Berlijn, gevolgd door een halve marathon in Dresden twee weken later. Op 11 april zal Maas aan de start staan van de NN Mission Marathon in Hamburg. In de Duitse stad gaan Björn Koreman, Frank Futselaar, Mohamed Ali, Roy Hoornweg en Benjamin de Haan voor een tijd onder de Olympische marathonlimiet van 2:11.30. Maas zal dan wederom als haas fungeren. De bedoeling is dat hij tot ongeveer 25 kilometer alle bovenstaande Nederlanders gaat hazen. ‘Ik kijk zeker uit naar de race! Ik denk dat het een gave race gaat worden en ik ben blij dat ik m’n Nederlandse collega-atleten kan helpen.’

EK onder 23 jaar

Van 8 tot en met 11 juli vinden de Europese kampioenschappen voor atleten onder 23 jaar plaats. Het toernooi in het Noorse Bergen is dit jaar het hoofddoel van Maas. Hij wil er een goede prestatie leveren op de 10.000 meter. Over een klassering of tijd op de 25 rondes is hij nog niet uit. ‘Het ligt natuurlijk een beetje aan het veld. Dat is nu lastig te zeggen denk ik.’ Een maand later lonkt alweer het volgende doel van Maas. In China vindt de Universiade plaats, een internationaal multisportevenement voor studenten aan de universiteit. Daar hoopt hij de 5.000 of 10.000 meter te lopen. Maar eerst wil hij een goede basis leggen in deze trainingsperiode. Daarna kan hij ongetwijfeld ook zijn eigen topvorm laten zien bij wedstrijden.

Foto’s: Global Sports Communication

Lees ook: Top 5 supplementen voor hardlopers

Singines

0 commentaar
FacebookTwitterEmail
Nieuwe berichten
Oude berichten
Hardloopkalender

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten