Jaarlijks trekken honderden atleten de landsgrens over om een persoonlijk record op de pistes in België te lopen. De atletiekwedstrijden in België zijn veel beter bezet dan bij ons in Nederland. Het lukt de trackmeetings in Utrecht en Wageningen zelden om een sterk deelnemersveld te creëren, terwijl Oordegem, Heusden-Zolder en Ninove elk jaar een ongekend deelnemersveld aan de start hebben staan. Waarom lukt het de Belgen wel om een sterk deelnemersveld op de been te krijgen?
Door Jasper Boot
Sterk deelnemersveld
Als je een mila-atleet aan het begin van het baanseizoen vraagt ‘waar’ hij gaat lopen, dan is het antwoord vaak onder andere in België. Onder andere Oordegem, Heusden-Zolder en Ninove zijn de Belgische plaatsen waar menig mila-atleet elk jaar een persoonlijk record loopt. Dat is niet verwonderlijk, want het samengestelde deelnemersveld is qua niveau om je vingers bij af te likken.
Een snelle 5000 meter lopen in Nederland is moeilijker dan gedacht. Deze afstand is in Nederland zelden van een hoog niveau dat iedere deelnemer een groepje heeft om aan te haken. In Oordegem moet je als atleet onder de 15 minuten lopen op de 5000 meter om in aanmerking te komen voor deelname aan de wedstrijd. Ter bevestiging; het gaat dan niet om één serie, maar om zes series! De series beginnen in de late uurtjes. Een Nederlandse mila-atleet die in Nederland kans heeft op een hoge klassering, bungelt in België meestal achteraan, maar heeft dusdanig weerstand dat hij wel een persoonlijk record kan lopen. Niet voor niets liep Benjamin de Haan in België naar een persoonlijk record op de 5000 meter van 13.35,77, plaatste Jip Vastenburg zich in Heusden-Zolder voor het EK Atletiek en liepen tientallen atleten op diverse afstanden in België limieten.
Toeschouwersaantallen
Waar de FBK Games het traject ‘2020’ heeft opgezet om over twee jaar het stadion in Hengelo helemaal gevuld te hebben, heeft de Nacht van de Atletiek een geweldige ambiance. Voor een tientje entree kun je in Heusden-Zolder atletiek zien van een geweldig niveau. Het stadion is gevuld, rondom de baan staan ouders, vrienden en familie om atleten aan te moedigen en zien ze de ene na het andere persoonlijke record gelopen worden. De FBK Games in Nederland is een mooi evenement, maar het blijft een pijnlijke constatering dat het stadion niet gevuld is. Nederland loopt niet warm om Dafne Schippers of Nadine Visser aan te moedigen in Hengelo. Heel jammer, want de prestaties van Nederlandse atleten verdienen het om in een uitverkocht huis aangemoedigd te worden. Het grote voordeel voor de Nacht van de Atletiek is dat er veel onderdelen zijn. De hele dag door zijn er diverse onderdelen, waardoor toeschouwers blijven hangen om andere atleten in actie te zien komen. Andere topatletiekwedstrijden in Nederland zoals de Gouden Spike, Ter Specke Bokaal en NK Atletiek komen qua bezoekersaantallen niet eens in de buurt van Heusden-Zolder.
Een Nederlandse mila-atleet die in Nederland kans heeft op een hoge klassering, bungelt in België meestal achteraan, maar heeft dusdanig weerstand dat hij wel een persoonlijk record kan lopen.
Diamond League Brussel
Als kers op de taart heeft België ook al jarenlang de Diamond League wedstrijd in Brussel eind augustus. Uiteraard is deze wedstrijd alleen voor de beste atleten ter wereld weggelegd, maar de organisatie verdient alle lof over de opzet en marketing van het evenement. Hopelijk kunnen wij over een paar jaar in het Olympisch Stadion ook een Diamond League wedstrijd bewonderen. Nederland kan het, want het EK Atletiek in Amsterdam was één groot succes. Voorlopig zie ik het nog niet gebeuren, maar who knows…
Foto: Max Kooijmans





F



‘Waar ik het meest van heb geleerd is de weg ernaartoe, het proces. Ik heb ervoor gekozen om in de voorbereiding van Praag op hoogtestage te gaan [in Flagstaff, Amerika, red.], toen door te reizen naar Praag, en vervolgens de Praag Marathon te lopen. Het probleem van hoogtestages is dat je niet heel specifiek kunt trainen omdat het te zwaar is. Je kunt wel wat langere blokken doen, maar het kost veel hersteltijd en is zwaar voor je lijf, en daar moet je echt wel 100 procent fit voor zijn. Op dat moment wist ik dat nog niet, en ook het effect van de hoogte was minder dan ik had gehoopt,’ zegt Wassink. ‘Ik heb dus geleerd dat ik eigenlijk wat specifieker moet gaan trainen richting de marathonvoorbereiding en dat ik heel veel moet werken aan mijn snelheid. Maar goed’, voegt hij eraan toe, ‘dat kan alleen maar als je een goede basis hebt gelegd. Uiteindelijk ben ik daar nu pas aan toe. Dus ik heb nu heel veel snelheid getraind, veel meer dan voor andere marathons, en ik merk dat ik qua snelheid nu al het niveau van 2015 terug heb. Mijn duurvermogen is zelfs een stuk verbeterd. Met die combinatie verwacht ik in Amsterdam een veel betere marathon te lopen.’
Wassink doet dat dit keer door middel van twee periodes van zeven weken. ‘Tussendoor ga ik twee weken op vakantie – in die twee weken zit ik niet stil, maar die weken pak ik wel als actief herstel. Dus dat betekent dat ik veel rustige trainingen ga doen, niet te hard zal trainen, maar ik wel mijn duurvermogen en mijn tempotrainingen op peil houd. Maar’, grinnikt hij, ‘mijn vrouw vindt het ook wel fijn als ik af en toe op vakantie wat leuks met haar ga doen, dus heb ik niet de tijd om twee keer per dag te trainen en zal misschien een aantal extra rustdagen inlassen. De zeven weken daarvoor zorg ik er wel voor dat ik heel gericht en gefocust train, met wat meer snelheidstrainingen en korte afstanden als wedstrijden.’ Zo liep Wassink een 3000 meter in Utrecht en een 5000 meter in Heusden.
Komende week probeert hij weer rond de 170 kilometer te lopen en een week later, tijdens een trainingskamp in Bad Dürrheim, probeert hij weer boven de 200 kilometer te komen. Vervolgens vermindert hij het aantal kilometers naar 165 kilometer, en daarmee sluit hij het eerste deel van zijn voorbereidingsperiode af. ‘De tweede periode van zeven weken richt ik me meer op marathonspecifieke training. Dat betekent dat ik wat meer wedstrijden heb ingelast, zoals een Tilburg Ten Miles, een Dam tot Damloop, en de Breda Singelloop. De Singelloop in Breda is de laatste zware prikkel, om vervolgens gas terug te nemen naar de marathon toe.’ Wassink heeft elke week drie tempotrainingen op het programma staan, met tussendoor rustige duurlopen:

