Trailen tegen de klok. Wie eens iets anders wil dan een reguliere trailrace, kan zich wagen aan Fastest Known Times: officieuze wereldrecords op aansprekende routes wereldwijd. “Het is een soort wedstrijd tegen de rest van de wereld.” FKT staat dus voor “Fastest Known Time”. Binnen trailrunning en ultrarunning betekent dat de snelste bekende tijd op een bepaalde route of trail. We doken in dit steeds populairdere fenomeen.
Door: Andre van Kats, dit artikel verscheen eerder in Trailrunning Magazine

Toen Karel Sabbe in 2016 had besloten om naar de westkust van de Verenigde Staten af te reizen voor de Pacific Crest Trail (PCT), was hij aanvankelijk van plan om de ruim 4.000 kilometer lange route wandelend af te leggen. Er was alleen één probleem: Sabbe was op dat moment net gestart aan zijn carrière als tandarts en kon het zich niet veroorloven om een half jaar vrij te nemen voor zijn reis. “Ik wilde wel per se de volledige route zien, dus besloot ik hem hardlopend te gaan afleggen”, zegt de nu 35-jarige Belgische atleet, die pas een jaar voor de PCT zijn buitengewone talent voor duursport had ontdekt. “Op die manier zou ik de afstand in twee maanden kunnen doen, hardlopen was simpelweg de enige manier om de volledige route te kunnen zien.” Omdat hij tegen die tijd toevallig net had geleerd over het bestaan van het fenomeen Fastest Known Time (FKT), besloot hij er direct maar een recordpoging van te maken.
Wie tegenwoordig op de website FastestKnownTime.com de naam Karel Sabbe intikt, kan zien dat hij inmiddels niet alleen het snelheidsrecord op de Pacific Crest Trail in handen heeft (in 2023 deed hij een nieuwe poging nadat zijn eerdere record in 2021 was verbroken door Timothy Olson), maar ook op de Via Alpina (2.500 kilometer door de Alpen) en de Appalachian Trail (noordwaarts, ruim 3.500 kilometer aan de oostkust van de VS). Begin dit jaar verbrak hij bovendien het record op de Te Araroa, een route van 3.000 kilometer in Nieuw-Zeeland. Sabbe heeft daarmee enkele van de meest aansprekende FKT’s ter wereld in handen.

Elk nieuw record levert een vermelding op FastestKnownTime.com op. De website is daarmee uitgegroeid tot het officiële naslagwerk voor alle wereldrecords op talloze zogenoemde FKT-routes. Veruit het grootste deel van de records is vastgelegd in de Verenigde Staten en Europa, al zijn er eveneens FKT’s neergezet in vele andere uithoeken van de wereld, van Oman tot Tanzania en van Chili tot Papoea-Nieuw-Guinea.
Luister ook: #59: FKT van west naar oost door de Pyreneeën. met Noor van der Veen
WERELDRECORD
De oorsprong voor de term Fastest Known Time ligt in het jaar 2000. De Amerikaanse ultralopers Peter Bakwin en Buzz Burrell probeerden toen een nieuwe recordtijd neer te zetten op de ruim 350 kilometer lange John Muir Trail in Californië. In een tijd dat internet nog niet zo alom vertegenwoordigd was als nu en niemand nog rondliep met gps-horloges, was het een flinke opgave om uit te zoeken wat het bestaande record was op de route. Bakwin en Burrell vonden een artikel uit 1998 door Blake Wood, waarin hij claimde dat hij de John Muir Trail in iets minder dan vijf dagen had gelopen, maar het viel niet meer te achterhalen of er in de decennia voorafgaand ooit iemand sneller de route had afgelegd. De kans was groot dat Wood het officieuze wereldrecord in handen had, maar omdat dit niet met zekerheid viel vast te stellen, riep Burrell de term ‘fastest known time’ – snelste bekende tijd – in het leven.
Er bestond tot dat moment geen plek waarop dergelijke records werden bijgehouden, dus besloot Bakwin dat in eerste instantie op zijn eigen website te doen, voordat hij een online discussieforum opende waarop lopers zelf hun ‘snelste tijden’ op bestaande routes konden delen. Dit forum vormde de basis voor FastestKnownTime.com, waarop tegenwoordig al deze records op inzichtelijke wijze zijn gerangschikt.
Op de website zijn ook de uitgangspunten voor Fastest Known Time-routes vastgelegd, want niet elk achterafpaadje is geschikt om als FKT te registreren. Zo worden routes alleen goedgekeurd wanneer ze ‘opmerkelijk en onderscheidend genoeg zijn om anderen te motiveren deze te herhalen’ en wanneer ze minstens acht kilometer lang zijn en tenminste 150 meter hoogteverschil kennen. Een recordpoging doen kan in drie categorieën: niet ondersteund (waarbij je alles wat onderweg nodig is zelf meeneemt), zelfvoorzienend (waarbij je gebruik mag maken van ondersteuning die voor iedereen beschikbaar is, zoals supermarkten of hotels) en ondersteund (waarbij je onderweg hulp mag krijgen van anderen die meelopen of eten verzorgen).
CONTROLE
Met name sinds de opkomst van gps-horloges en Strava is de populariteit van het fenomeen FKT sterk toegenomen. Voor deelnemers is het veel makkelijker geworden om bewijs aan te leveren voor hun recordpogingen, terwijl het tegelijkertijd nauwelijks nog mogelijk is om vals te spelen. “Als je een record aanmeldt, wordt alles gecontroleerd door de organisatie”, vertelt Geert van Nispen, de Nederlandse avonturier die in april een FKT neerzette op de Spaanse Camino del Norte. “Als je verkeerd loopt, moet je bijvoorbeeld terugkeren naar het punt waarop je de route hebt verlaten, en als je een omleiding tegenkomt, moet je daar foto’s van maken om het te bewijzen.” Het betekent dat lopers die een FKT-poging doen onderweg niet alleen bezig zijn met de fysieke en mentale strijd die ze moeten leveren, maar zich ook bewust dienen te zijn van het huiswerk dat ze te doen hebben. “Onderweg dien je bijvoorbeeld foto’s te maken met gps-locatie en tijdsaanduiding”, zegt Van Nispen. “Je moet daar scherp op blijven, maar dat valt niet altijd mee als je helemaal kapot bent. Het kan zijn dat je ‘s ochtends wakker wordt en denkt: waar heb ik gisteravond ook alweer precies mijn horloge uitgezet?”
De Belgische atleet noemt de 52 dagen die hij in 2016 nodig had om de route te voltooien een van de leerzaamste periodes uit zijn leven.

Voor Karel Sabbe was na zijn eerste recordpoging op de Pacific Crest Trail snel duidelijk dat hij in de toekomst vaker de uitdaging van een FKT wilde gaan opzoeken. Dat had alles te maken met zijn ervaringen aan de westkust van de VS. De Belgische atleet noemt de 52 dagen die hij in 2016 nodig had om de route te voltooien een van de leerzaamste periodes uit zijn leven. “Die ervaring heeft mij een sterker en completer persoon gemaakt”, vertelt hij. “Dankzij de PCT heb ik ingezien dat wij de natuur en avontuur nodig hebben, en uitdagingen en inspanning, om volwaardig mens te zijn. De PCT heeft mij ook mentaal veel sterker gemaakt. Do or do not, there is no try is mijn mantra geworden, dat komt oorspronkelijk uit Star Wars. Als ik een uitdaging zoals een FKT aanga, dan maak ik de beslissing dat ook echt te dóén, in plaats van dat ik het alleen maar ga proberen. Het betekent bijvoorbeeld dat ik niet na de eerste terugslag denk: moet ik opgeven? Daarmee bespaar ik veel energie. Diezelfde mindset gebruik ik in het dagelijks leven, dat heeft me veel gebracht, bijvoorbeeld in mijn eigen tandartspraktijk.”
Uit ervaring weet Sabbe inmiddels dat de eerste dagen van zijn soms wekenlange tochten mentaal de moeilijkste zijn. “Vaak duurt het wel een week voor ik in de magische flow terechtkom waar ik naar op zoek ben. Dat komt doordat de afstanden die ik loop extreem zijn, negentig of honderd kilometer per dag. Je hoofd heeft tijd nodig om te beseffen: we gaan dit weer doen. In die eerste dagen slaap ik vaak niet goed, verkrampen mijn spieren ‘s nachts, mijn lichaam is dan echt in survivalmode. Onderweg ben ik soms ook nog aan het piekeren, over werk of omdat ik de druk voel van het doel dat ik heb gesteld. ‘s Nachts droom ik dan vaak dat ik de crew misloop of het pad niet terug kan vinden. Pas na die eerste week wordt het mentaal gezien vaak wat makkelijker.”
Vaak duurt het wel een week voor ik in de magische flow terechtkom waar ik naar op zoek ben.
AVONTUUR

Dankzij de records die hij inmiddels op zijn naam heeft, en de status die hij heeft opgebouwd na andere bijzondere prestaties, zoals het finishen van de Barkley Marathons, wordt elke FKT-poging die Sabbe onderneemt tegenwoordig vooral online op de voet gevolgd. Anders is het voor lopers die minder bekendheid genieten en hun recordpogingen veelal in de luwte afwerken, zoals Irene Kinnegim.
De ultraloopster was in coronatijd, toen er geen wedstrijden werden georganiseerd, op zoek naar een nieuwe uitdaging, zo kwamen de FKT’s voor het eerst op haar pad. “Toen ontdekte ik dat ik zo’n recordpoging eigenlijk nog veel leuker vind dan een wedstrijd”, zegt Kinnegim, die afgelopen april een record neerzette op het Roots Natuurpad, 456 kilometer tussen Goirle en Delfzijl. Eerder behaalde zij al FKT’s op de Dutch Mountain Trail, het Pieterpad en het Ultra Pad. Kinnegim koos er bewust voor om die uitdagingen aan te gaan zonder vooraf hoog van de toren te blazen. “Als het dan niet lukt, kan ik gewoon stilletjes met de trein naar huis”, zegt ze glimlachend. “Voor mij draaien de FKT-pogingen vooral om het avontuur, je maakt onderweg zoveel mee. Je loopt eindeloos met een rugzakje in je eentje door de natuur, van ‘s ochtends vroeg tot ‘s avonds laat. Ook de voorbereiding is al een uitdaging op zich, alles uitzoeken en plannen. Dat vind ik allemaal heel gaaf.”
In plaats van bij een finishboog met uitzinnige toeschouwers langs de kant, eindigde haar route onder de stationsklok van het winderige treinstation Hilversum Sportpark.
Vooral bij het Ultra Pad, een route van 154 kilometer die Kinnegim als eerste ooit binnen de daglichtperiode wist uit te lopen, leerde ze tegelijkertijd de betrekkelijke waarde van een FKT kennen. In plaats van bij een finishboog met uitzinnige toeschouwers langs de kant, eindigde haar route onder de stationsklok van het winderige treinstation Hilversum Sportpark. “Toen ik daar aankwam was ik helemaal blij, maar de mensen op het station hadden natuurlijk geen idee welke tocht ik achter de rug had”, zegt ze glimlachend. “Die zagen opeens zo’n afgeleefd figuur uit de bossen komen. Ik vind dat ook het mooie van FKT’s: de buitenwereld boeit het niet, de wereld draait wel door. De ultrawereld snapt deze tak van sport, maar verder ligt niemand er wakker van. Ik merk dat ook aan de reacties die ik krijg als ik zo’n FKT heb behaald. Ik heb zat vrienden die het fantastisch vinden, maar evengoed collega’s die denken: waarom zou je in godsnaam zoiets doen?”
Ook Geert van Nispen, die begin dit jaar zijn huis verkocht en sindsdien leeft als nomade, ziet de FKT’s vooral als een avontuur. “Natuurlijk is er ook een wedstrijdelement, het is een soort wedstrijd tegen de rest van de wereld, maar ik doe deze uitdagingen op de eerste plaats voor mezelf. Karel Sabbe is mijn inspiratiebron, hij wekte mijn nieuwsgierigheid met zijn avonturen. Ik herkende het teruggaan naar de basis: bewegen, eten, drinken, jezelf warm houden, slapen en dat herhalen. Je moet het zelf doen, alles zelf oplossen.”
Precies daarin zit ook voor Sabbe zelf tegenwoordig nog altijd de uitdaging, zij het dat hij bij zijn FKT-pogingen steevast kiest voor de ondersteunde (supported) uitdaging, waarin hij hulp krijgt van een vaste crew. “Daardoor hoef ik me alleen maar op het lopen te concentreren en blijft er bijvoorbeeld meer tijd over voor slaap, wat essentieel is voor herstel”, zegt hij. “Dat ik mijn avonturen op deze manier samen met vrienden en familie kan delen, maakt alles nog veel waardevoller voor mij. Uiteindelijk geldt ook dat de reis zoveel betekenisvoller is dan de finish. Het klinkt misschien een beetje gek, maar de finish van een FKT voelt altijd een beetje als een anticlimax. Voor mij heeft een willekeurige dag dat ik onderweg ben veel meer betekenis dan het finishmoment, omdat een FKT voor mij gaat over mijn grenzen verleggen, mijn limieten opzoeken. Vooral de eerste keer dat ik de Pacific Crest Trail liep, was in die zin echt een ontdekkingsreis. De eerste twintig dagen ging het toen relatief goed, maar daarna heb ik dertig dagen met pijn gelopen en had ik veel slaaptekort. Zwaarder dan dat kon het voor mij niet, maar dat heeft me mentaal zoveel sterker gemaakt. Ik merkte dat bijvoorbeeld tijdens de Te Araroa in Nieuw-Zeeland, waar ik in totaal 31 dagen over heb gedaan. Het gaf me mentaal veel rust om vooraf te weten: al loop ik na tien dagen een kleine blessure op, dan nog hoef ik korter af te zien dan ik tijdens de PCT heb meegemaakt.”
Fysiek gezien is Sabbe er klaar voor om op relatief korte termijn een nieuwe FKT-poging aan te gaan, maar mentaal nog niet. Om die reden kiest hij ervoor om komende zomer de UTMB te gaan lopen: met 171 kilometer is dat voor hem bijna een sprint in vergelijking met de extreem lange afstanden die hij gewend is van zijn FKT-avonturen. Sabbe: “Ik zal in de toekomst zeker weer nieuwe FKT-pogingen doen, maar mentaal gezien heb ik daar iets meer tijd voor nodig. De Te Araroa was in dat opzicht wel echt zwaar, mijn hoofd had tijd nodig om alles te verwerken. Ik merkte dat bijvoorbeeld twee weken na thuiskomst, toen ik op een nacht begon te slaapwandelen.” Glimlachend: “De volgende ochtend vertelde mijn vrouw dat ik tegen haar had gezegd dat ik het pad niet kon vinden. Mijn brein had het hele avontuur blijkbaar nog niet helemaal verwerkt.”
Beelden Noor van der Veer: Aaron Rolph voor Trailrunning Magazine
- Fastest known Times (FKT)
- Silke Jonkman kan weer pijnvrij hardlopen: ‘Ben veel blijer en gezonder dan voorheen’
- Programma van de EK Atletiek 2026 in Birmingham (Nederlandse tijden)
- 10x de leukste moederdagcadeaus voor jouw sportieve moeder
- World Relays: Doel van vier WK-tickets behaald in swingend Gaborone
