Home Auteur

Peruth Chemutai werd woensdagavond in Tokio de eerste vrouw die namens Oeganda een Olympische titel wint. In het Japanse Olympisch Stadion liep de 22-jarige atlete verrassend naar de winst op de 3000 meter steeplechase.

De gouden Olympische medaille van Chemutai was haar eerste eremetaal op een internationaal toernooi. Haar 9:01.45 was tevens goed voor een Oegandees record op de steeplechase, het onderdeel met de waterbak en hordes. Ze liep erg geduldig, wachtte af en haalde in de laatste ronde de Keniaanse Hyvin Kiyeng in, die uiteindelijk brons zou veroveren. Courtney Frerichs uit Amerika legde beslag op het zilver.

‘Ik ben blij, ik ben zo blij. Na mijn vijfde plaats op de wereldkampioenschappen in Doha wist ik dat een medaille mogelijk zou zijn als ik een goede race zou lopen. Vandaag was een goede race. Ik had mijn ups en downs in de afgelopen twee jaar, maar het heeft me ook sterker gemaakt. Ik wil mijn trainingspartners in het kamp bedanken, omdat ze me in deze tijden echt zo erg hebben gesteund’, aldus Chemutai na het schrijven van atletiekgeschiedenis in Tokio.

Nederlandse coach

Chemutai wordt in Oeganda getraind door de Nederlandse coach Addy Ruiter. Hij heeft atleten van het Nederlandse managementbureau Global Sports Communication onder zijn hoede.
Ook voor Ruiter kwam de prestatie van Chemutai als een verrassing. ‘Haar wedstrijden vielen tot nu toe tegen deze zomer, maar in trainingen is ze al een jaar heel goed. Bij de WK in Doha was ze al vijfde, net als bij het WK Cross in Aarhus (2019). Ik wist dus dat de potentie om een medaille te winnen er was, alleen moest alles op het juiste moment op zijn plaats vallen. In haar serie voerde ze het tactische plan al perfect uit en in de finale deed ze hetzelfde en dan nog harder. Maar dat het goud op zou leveren had ik niet verwacht, we hoopten op een bronzen medaille.’

Oeganda atletiekland

Het allereerste Olympisch goud ooit voor Oeganda betekent natuurlijk veel voor het land. Mogelijk komen in de toekomst een stuk meer Olympische medaillewinnaars uit Oeganda. ‘Het land is vooral goed in atletiek en Peruth is de eerste Oegandese vrouw die een medaille wint en dan ook gelijk een gouden. Het land is dus superblij en dit kan weer een kleine bijdrage leveren in het verbeteren van de positie van de vrouwen in Oeganda. We zijn vooral succesvol sinds 2019, met vier wereldrecords en drie wereldtitels en nu dan goud met Peruth Chemutai en zilver voor Joshua Cheptegei op de 10.000m. Maar er moet nog veel werk verricht worden om continue prijzen te pakken, want het aantal atleten in Oeganda dat serieus de sport beoefent is heel klein.’ Of deze Olympische Spelen nog meer medailles gaat opleveren voor Oeganda? ‘Op de 5000m is er nog een kans met Joshua Cheptegei en Jacob Kiplimo op meer eremetaal, op de andere afstanden gaat dat heel lastig worden.’

Kapchorwa

Wat Iten is voor Kenia, is Kapchorwa voor Oeganda. Gelegen op 1800 meter hoogte, op de hellingen van een uitgedoofde vulkaan, is het een permanente thuisbasis en trainingsbasis voor honderden lopers uit Oeganda en daarbuiten. Naast Chemutai loopt wereldrecordhouder 5000 én 10.000 meter Joshua Cheptegei in Kapchorwa, maar ook de Olympische kampioen marathon van 2012, Stephen Kiprotich.

Lees ook: Nederlandse trainer Addy Ruiter pakt met ‘Team Oeganda’ twee keer goud op WK Doha

Hoofdfoto: BSR Agency. Foto’s slider: NN Running Team

0 commentaar
FacebookTwitterEmail

Op de triatlon is Rachel Klamer dé Nederlandse troef voor een hoge klassering op de Olympische Spelen. Na een goede voorbereiding in het warme buitenland zoekt ze nu wedstrijdprikkels op in aanloop naar haar grote doel dit jaar. Hoe staat ze ervoor? (Update: Rachel Klamer wordt knap vierde op de Olympische Triathlon!)

Namibië

De 30-jarige Klamer begon haar Olympisch jaar in Zuid-Afrika. Daar brengt ze vaker een deel van de Europese winter door, omdat ze getrouwd is met de Zuid-Afrikaan Richard Murray (nummer 4 Olympische triatlon 2016). Vervolgens kon de triatlete in Windhoek (Namibië) aansluiten bij de Nederlandse selectie. Met drie mannen, twee vrouwen en twee coaches, bijna de hele Olympische selectie, bereidde Klamer zich voor in Namibië. In mei trainde ze weer in het land, hoewel ze in eerste instantie nog op hoogte wilde trainen in Europa. ‘Door corona en wederom het nog redelijk koude weer besloten we opnieuw terug te gaan naar Windhoek. Het was daar rustig. We zaten vrij ‘coronaveilig’ en hadden de juiste faciliteiten. Ik was er voor de zesde keer. Ik trainde met een kleinere groep dan normaal, maar dat heeft ook voordelen. Zo kan je bijvoorbeeld wat flexibeler zijn met de planning van de trainingen en locaties.’

Trainen op een eiland

Na thuiskomst van haar eerste stage in Namibië besloot ze om vanaf eind maart een aantal weken op trainingsstage te gaan op het Spaanse eiland Fuerteventura. Daar trainde ze de drie onderdelen die ze al ruim dertien jaar beoefent: zwemmen, fietsen en hardlopen, samen een triatlon. ‘Het weer in Nederland was namelijk nog best koud’, verklaart de veelzijdige atlete. ‘Met lopen vind ik het koude weer geen probleem, maar fietsen is minder prettig.’ Op Fuerteventura heeft de tweevoudig Olympisch deelneemster voornamelijk gefocust op het fietsen, hoewel je er niet perfect kunt fietsen. ‘Thuis ben ik gewend aan veel groen en veel verschillende fietsroutes. Beiden heb je hier niet, maar het lopen en zwemmen was wel ideaal. Door wat klachten met het lopen heb ik minder gelopen, waardoor ik nog meer kon fietsen. Qua zwemtrainingen bleven we ongeveer op hetzelfde niveau trainen.’

Klik hier voor een video van haar trainingsstage op Fuerteventura.

Hardlopen

Voordat Klamer op zeventienjarige leeftijd aan de triatlonsport begon, wist ze goede resultaten te boeken op het zwemmen. Ze vindt het maar goed ook dat ze van jongs af aan heeft gezwommen, ‘want het is mijn zwakste discipline’. Hardlopen doet de in Zimbabwe geboren atlete het liefst. ‘Je kan overal hardlopen en je hebt weinig nodig. Een paar schoenen en je kan bijna gaan waar je wil. Lopen is rustgevend.’ Al meerdere meerdere malen heeft Klamer op het podium gestaan bij loopafstanden op Nederlandse kampioenschappen. In 2009 won ze zelfs de Nederlandse titel 3000 meter bij de junioren. Hardlopen doet ze regelmatig met haar man en vader in Twente, waar ze ook woont. ‘Ik vind dit een mooie omgeving om te trainen en heb in principe alles wat ik nodig heb.’

Meer fietsen

Voor hardlopers is fietsen een goede tweede sport, want op de fiets spreek je op een andere manier je spieren aan. Fietsen is een stuk minder blessuregevoelig. Dat het samen succesvol is, bewees Michel Butter in april met zijn 2:10.30 op de marathon. Ook Klamer is positief over de combinatie hardlopen en fietsen. ‘Zo kan je extra uren maken en werken aan je duurvermogen. Lopen na het fietsen voelt de eerste paar minuten nooit echt prettig, maar na een tijdje voel je dat niet meer. Als je zorgt voor een frequentie die ongeveer gelijk is aan je pasfrequentie met het lopen, dan maak je de overgang makkelijker. Vooral mijn coach Louis Delahaije is voorstander van meer fietsen voor zowel lopers als triatleten. Zorg wel dat je niet in een te zwaar verzet gaat fietsen, want dan is het verschil met lopen minder groot.’

Podium in Tokio

De eerste wedstrijden van het seizoen zitten erop voor Rachel Klamer. In Lissabon werd ze in mei achtste bij de World Cup. In dezelfde serie werd Klamer begin juni in Leeds 31e. Op de Olympische afstand (1,5 kilometer zwemmen, 40 kilometer fietsen en 10 kilometer hardlopen) ging in Engeland de winst naar de Limburgse Maya Kingma. Zowel fysiek als mentaal moet Klamer nog wennen aan het racen. Zolang ze op 27 juli maar in bloedvorm aan de start verschijnt in Tokio. Dan vindt daar de Olympische triatlon plaats over dezelfde afstanden. ‘We denken dat de Spelen in Tokio extra zwaar zullen worden door de warmte. Gelukkig kan ik relatief goed tegen de warmte, dus daar maak ik mij niet zo druk om. Het is belangrijk om superfit aan de start te staan. Wie het laatst moe wordt, heeft de grootste kans om te winnen. Mijn zwemmen blijft mijn zwakste punt, maar uiteindelijk werk ik aan alle drie de disciplines om zo goed mogelijk te worden.’ Toen Klamer zich kwalificeerde voor de Spelen had ze één doel: het podium halen. Het zou een ruime verbetering zijn van haar tiende plaats op de Olympische Spelen van 2016. ‘Of het podium haalbaar is, weet ik niet, maar ergens moet je doelen stellen. Na twee Olympische Spelen ga je er niet meer voor de ervaring naartoe.’

Naam: Rachel Klamer
Leeftijd: 30
Geboren: Harare, Zimbabwe
Lengte: 1.66m
Coach: Joel Filliol
Club: Triathlon Club Twente
Olympische Spelen: 2012, 2016 (& 2021)

Foto’s: Red Bull

Liverpool vs. West Ham: Live stream, how to Aradrama online

0 commentaar
FacebookTwitterEmail

Review: ASICS GEL-Cumulus 23

door Tijn Piest

ASICS heeft weer een nieuwe schoen op de markt gebracht: de GEL-Cumulus 23. Deze neutrale hardloopschoen biedt een nog soepelere en zachtere tred dan zijn voorgangers uit de serie. Wat vonden wij van deze dagelijkse duurloper?

Nieuw aan de Cumulus

De GEL-Cumulus 23 wordt gezien als de meest comfortabele loopschoen van ASICS. De Japanse fabrikant heeft ten opzichte van de eerdere versies van de Cumulus de demping en flexibiliteit verbeterd. Kenmerkend voor de 23 is het nieuwe MONO-Sock bovenwerk, dat goed aansluit bij je voet. De toegevoegde 3D SPACE CONSTRUCTION in de bovenlaag van de tussenzool is doorgevoerd voor meer demping en flexibiliteit. Verder omvat de schoen het responsieve FLYTEFOAM, wat we al kennen van de ASICS Novablast, een naadloos bovenwerk met het ademende mesh bovenwerk. De GEL dempingstechnologie is inmiddels traditie geworden bij ASICS en draagt ook bij deze nieuwste schoen bij aan een soepele training.

Uiterlijk

Wij testten de Cumulus 23 in de kleuren black/reborn blue. Het blauw en oranje worden mooi door elkaar gebruikt, aangevuld met een zwarte achtergrond. Tevens draagt dit bij aan reflectie in het donker. Opvallend zijn de grote oranje vlakken aan de onderkant van de schoen, die voor voldoende grip tijdens het hardlopen zorgen. De hielkap van de schoen is zacht, dik en stevig, zoals we van ASICS gewend zijn. Het GEL is wederom aanwezig, in de vorm van een blauwe laag onder de hak. Dit zorgt voor extra demping en werkt schokabsorberend. De hoeveelheid demping van de tussenzool is zoals gewoonlijk het hoogst onder de middenvoet en garandeert een comfortabel loopje.

Hoe loopt ie?

Als je de Cumulus 23 aantrekt, voel je gelijk de demping van de schoen. De hardloopschoen is daardoor uiterst geschikt voor je alledaagse duurlopen. Ook merkten we dat het met de stevigheid wel goed zit. Toen een pas niet helemaal lekker werd neergezet op de grond, corrigeerde de schoen een beetje dankzij de sterke tussenzool. Je wordt lichtelijk ondersteund tijdens het hardlopen en de pronatie is dus prima. Met zijn 310 gram is de schoen wat lomp voor sprintjes en stevige tempo’s, maar een kleine opvoering van de snelheid kan geen kwaad. Voor het echt snelle werk gebruiken we de ASICS METASPEED Sky. De hielkap van de Cumulus 23 zorgt ervoor dat de schoen onder een hete zon wat warm aan kan voelen. Daarentegen sluit de schoen goed aan bij je voet en biedt hij duidelijk genoeg ondersteuning.

Kenmerken op een rijtje

  • Dempende GEL-technologie
  • Mesh bovenwerk
  • FLYTEFOAM-technologie voor demping
  • Genderspecifieke 3D SPACE CONSTRUCTION
  • Verbeterde zichtbaarheid door reflecterende accenten
  • Betere duurzaamheid door ASICS LITE-buitenzool

De GEL-Cumulus 23 sluit goed aan bij hetgeen dat ASICS inhoudt: Anima Sana in Corpore Sano, een gezonde geest in een gezond lichaam. De hardloopschoen is verkrijgbaar in acht kleurencombinaties, kost €139,95 en kent een dames- en een herenversie.

How to Aradrama Wolverhampton vs. Brighton & Hove Albion

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met ASICS.

Lees ook: Review Brooks Glycerin 19

0 commentaar
FacebookTwitterEmail

CTS-talent Olivier Hendriks: ‘Ik wil niet als anders gezien worden’

door Tijn Piest

Ook dit jaar ondersteunt het CTS GROUP Talententeam jonge atleten bij het najagen van hun dromen. We volgen vijf potentiële wereldtoppers, onder begeleiding van CTS GROUP en de Atletiekunie, in hun weg naar de top. In deze aflevering: sprinter Olivier Hendriks (17), die zich met twee Europese titels op zak opmaakt voor de Paralympische Spelen.

Amputatie

‘Het is wel onwerkelijk om nu bij wedstrijden aangekondigd te worden als de Europees kampioen’, aldus Olivier Hendriks. Begin juni kreeg hij ineens een andere status door zijn twee gouden medailles op de EK para-atletiek. Dat had hij tien jaar geleden niet durven dromen. Olivier is geboren met misvormde voeten. Op jonge leeftijd besloten zijn ouders een dubbele onderbeenamputatie door te voeren. Hij mist dus nu zijn voeten en kuitbeen, maar kan op blades heel hard lopen. Zo hard, dat hij het Nederlands record in zijn categorie in handen heeft op zowel de 100, 200 én 400 als de 800 meter.’ Olivier denkt dat hij een groot deel aan zijn ouders te danken heeft dat hij weinig belemmeringen heeft gehad bij het opgroeien.

‘Allereerst hebben zij ervoor gekozen om op jonge leeftijd mijn misvormde voetjes, waar ik nooit goed op had kunnen lopen, te laten amputeren. Hierdoor heb ik al vanaf kleins af aan op protheses gelopen en ik denk dat dat één van de redenen is dat ik er goed mee uit de voeten kom’, zegt hij met een knipoog. ‘Daarnaast hebben ze mij ook altijd gepusht om alles gewoon te proberen. Ze hebben altijd in oplossingen gedacht, niet in problemen, en daar ben ik ze erg dankbaar voor.’

Foto: Bartlomiej Zborowski

Lees ook: CTS GROUP Talententeam: De kampioenen van morgen

Dit is de tweede atleet die we belichten in de serie talenten uit het CTS GROUP Talententeam. In de volgende afleveringen lees je de ontwikkeling van Sven Roosen, Alida van Daalen en Rick van Riel.

Annemaria koekoek

Zijn eerste blades kreeg Olivier aangemeten toen hij 7 jaar oud was, via prothesemaker Frank Jol. Toen zat hij nog niet op atletiek. Door de blades kon Olivier voor het eerst echt rennen. Hij gebruikte ze bij het buiten spelen, gymmen op school en voetbal. Van gym herinnert hij zich nog een heel specifieke situatie. ‘We deden het spel ‘Annemaria koekoek’, waarbij iedereen op een lijn start en moet proberen naar de overkant te komen. Eén iemand staat aan de andere zijde van de zaal en zodra diegene zijn ogen sluit en ‘Annemaria koekoek’ zegt, mag je gaan rennen. Vervolgens opent deze persoon de ogen en wie dan beweegt, is af. Helaas is stilstaan op blades niet echt makkelijk (het is alsof je op het punt van je tenen staat) en ik bewoog. Ik was erg boos toen ik ‘af’ was, want ik vond dat oneerlijk.’ Natuurlijk kampte hij ook met vervelende zaken als materiaalproblemen. ‘Bijvoorbeeld doordat ik een gat in mijn sleeve had, waardoor de prothese niet meer goed ‘vast’ zit aan mijn been. Ook heb ik meerdere keren mijn protheses gebroken.’ Daarnaast heeft hij ook veel last gehad van de stompen aan zijn been. Het bot dat nog in zijn onderbeen zit, groeit namelijk in een punt. ‘Dat is heel pijnlijk en ik ben hier een aantal keer aan geopereerd toen ik op de lagere school zat.’ Deze problemen hebben hem er echter niet van weerhouden om gewoon mee te doen. ‘Zo deed ik bij gymlessen op school bij alles mee en heb ik gewoon mijn zwemdiploma’s gehaald. Ik heb op judo gezeten en gevoetbald, voordat ik de overstap maakte naar de beste sport die er is: atletiek.’ Olivier is duidelijk. Hij wil graag hetzelfde zijn als de valide sporters en op dezelfde wijze behandeld worden. ‘Ik voel mij niet anders en wil ook niet als ‘anders’ gezien worden. Maar dat gebeurt natuurlijk wel en mensen kijken en staren naar je benen. Dat is niet altijd fijn. Ik heb echter mijn protheses nooit verborgen gehouden en droeg bijvoorbeeld gewoon korte broeken. Toen ik heel jong was, wilde ik ook sandalen aan als het heet was. Dan kon je de tenen van mijn prothesevoeten zien, net als bij alle andere kinderen. Inmiddels vind ik het niet meer erg dat mijn benen er niet hetzelfde uitzien als anderen en ben ik wat gewend aan het staren van mensen.’

Buitenlandse toernooien

Zijn overstap van voetbal naar atletiek is redelijk geleidelijk verlopen. Via zijn prothesemaker kreeg Olivier een uitnodiging voor een sportevent in het Olympisch Stadion ten tijde van de EK atletiek in Amsterdam van 2016. Daar is hij gescout door de talentcoach van Papendal, toen hij nog niet eens op atletiek zat. Op zijn dertiende begon hij met de sport bij AV ’40 in Delft, waar hij nu nog steeds lid is. Zo nu en dan trainde hij mee op het nationale sportcentrum in Arnhem, maar voetbal wilde hij nog niet opgeven. Na een jaar lang de combinatie voetbal en atletiek was de keuze snel gemaakt. ‘Toen ik mijn eerste blades aangemeten kreeg, was al duidelijk dat ik geen moeite heb met de balans. Ik kon er vrij snel goed op rennen. Die ervaring met het lopen op blades heeft natuurlijk wel geholpen om snel progressie te boeken in de atletiek.’ In 2017 merkte Olivier dat hij atletiek echt leuker vond dan voetbal. De sprintsnelheid die je ontwikkelt noemt hij ‘gewoon onbeschrijfelijk’. ‘Dat motiveerde mij om meer te trainen en daardoor werd ik er beter in. De uitnodigingen voor grote buitenlandse toernooien kwamen voor mij wel onverwacht, omdat ik mij daar nog helemaal niet mee bezig hield. Ik liep gewoon wedstrijden in Nederland. Totdat mijn coach destijds vertelde dat ik mee mocht naar de EK in Berlijn in 2018. Dat ik een jaar later naar de WK zou gaan, had ik helemaal niet gedacht.’ De rest is geschiedenis. Bij zijn internationale debuut in Duitsland maakte hij indruk door als vijftienjarige het zilver te veroveren. In 2019 werd hij in Dubai ook wereldwijd de nummer twee op de 400 meter.

Waardering en ondersteuning

Olivier Hendriks

De paralympische sporten moeten volgens Olivier meer aandacht en respect krijgen. Daarom was hij blij en verrast toen hij werd uitgenodigd voor het CTS Group Talententeam. Dankzij de Atletiekunie en CTS GROUP, maar ook dankzij sponsor ASICS, hoeft hij zich minder druk te maken over de randzaken rondom de sport. Hij is de eerste invalide sporter die begeleid wordt door het team, een eer volgens Olivier.

‘Dit geeft mij het gevoel dat ik de waardering krijg voor wat ik doe en hoe snel ik ben en niet omdat ik toevallig op protheses loop. Via het Talententeam krijg ik ondersteuning in materiële zin, zoals kleding en schoenen, maar ook op andere manieren worden we extra begeleid. Hoe ga je om met media en hoe presenteer je jezelf voor een camera of online op social media. Het gaat om het gehele plaatje als topsporter, en daar zitten ook een hoop dingen bij die niet op de baan gebeuren.’

Lees ook ons interview met CTS-talent Mark Heiden

Goede combinatie

Olivier traint fulltime bij ATR: Atletiek Trainingscentrum Rotterdam. Hij loopt zijn rondes tussen getalenteerde valide sporters in een gezellige groep. ‘Dat helpt mij steeds sneller en beter te willen worden. Vroeger had ik ook geen behoefte om aan activiteiten mee te doen die specifiek werden georganiseerd voor kinderen met een prothese. Het feit dat ik andere benen heb, heeft natuurlijk wel hier en daar voor wat aanpassingen gezorgd. Maar er is altijd gezocht naar wat mogelijk is.’ Afgelopen maand is Olivier geslaagd, hij heeft het gymnasium afgerond. Dus gaat hij waarschijnlijk komend schooljaar aan een studie beginnen. Voorgaande jaren heeft hij zoals gewoonlijk naast het sporten een middelbare schoolopleiding gedaan. ‘Gelukkig was mijn school erg gemakkelijk in het bieden van ruimte om naar trainingen, trainingskampen en toernooien te gaan. Zo heb ik dus goed mijn sport kunnen beoefenen en tegelijk mijn school gedaan.’

Olivier Hendriks in actie op de 400 meter tijdens de Ter Specke Bokaal in Lisse. (Foto: Erik van Leeuwen)

Favoriete onderdeel

‘Mijn favoriete onderdeel is de 200 meter. Dit is helaas geen officiele paralympische afstand meer voor mijn klasse (T62 – dubbelbladers), maar desondanks vind ik dit het leukste onderdeel. Het is een tussenvorm tussen de afstanden die ik nu loop. Bij de 100 meter ga je direct vanaf de start zo hard mogelijk: je sprint het hele stuk voluit. De 400 meter is de langste sprintafstand, waarbij je wat meer op je reserves moet lopen. De 200 meter is een mooie tussenvorm. Het is wel een volledige sprint en net wat langer dan de 100 meter. Ik kan op deze afstand langer mijn topsnelheid aanhouden en dat is een heerlijk gevoel. Daarnaast is het in de bocht starten ook fijner, dat gaat mij makkelijker af. Ik voel mij meer ontspannen en comfortabel als ik in een bocht start. Er zit dan niemand direct naast je bij de start. Misschien speelt dat ook mee.’

Planning

‘Het doel is nu om in één van de volgende wedstrijden de paralympische limiet voor de 100 meter (11.20 sec) ook nog te gaan lopen (op de 400 meter heeft Olivier de limiet al binnen). Ik zit daar heel dichtbij. Na de EK heb ik nog een wedstrijd in Leverkusen gelopen en het NK in Breda. Daarbij heb ik twee keer mijn persoonlijk record (nu 11.27) verbeterd, maar ik ben er nog net niet. Er is nog tijd tot en met eind juli om mij te kwalificeren. Dus dat blijft nog spannend. De komende tijd ga ik ook weer meer lactische trainingen doen als voorbereiding op de 400 meter.

Ambitie

‘Ik zou graag op de Nederlandse kampioenschappen mee willen doen tegen valide lopers. Dat lijkt mij mooi, dat er geen onderscheid wordt gemaakt. Het is namelijk best wel een discussiepunt of het lopen op blades je een voordeel geeft ten opzichte van mensen zonder. In de toekomst hoop ik de snelste man op blades te worden en dus wereldrecords te lopen en gouden medailles te winnen.’

Twee keer goud

De Europese kampioenschappen para-atletiek, die afgelopen maand in het Poolse Bydgoszcz werden gehouden, was voor Olivier de kroon op zijn harde werken. Op zowel de 100 als de 400 meter, twee hele verschillende aftanden, won hij goud! In de classificatie T62 (atleten met twee onderbeenamputaties onder de knie) is hij de beste van Europa. ‘Er was wat spanning van tevoren, want ik had een lichte blessure en ik wist niet zeker of ik op tijd volledig fit zou zijn voor de wedstrijd. gelukkig was dit wel het geval dankzij de fysiotherapeuten, die mij goed geholpen hebben. Daarnaast was dit toernooi anders dan anders door de strikte coronaprotocollen. Normaal gesproken zijn we als TeamNL Para meer samen: we reizen gezamenlijk en nu vlogen we in drie groepen onafhankelijk van elkaar. Ook had ik in Polen een eigen kamer, terwijl we anders een kamer delen. Dat laatste vind ik toch gezelliger.’

De 100 meter stond eerst geprogrammeerd. Het goud op deze afstand kwam niet als een enorme verrassing. ‘De weken ervoor was gebleken dat mijn vorm goed was en ik liep constant snelle tijden. Tijdens de race startte één van de belangrijkste concurrenten vals en toen wist ik dat ik kans maakte om de race te winnen.

Foto: Bartlomiej Zborowski

Dat gebeurde ook.’ Een paar dagen later stond alweer de 400 meter op het programma. Van tevoren wist Olivier al dat hij een race tegen de klok zou gaan lopen. Daar was hij op voorbereid, want hij wilde de Paralympische limiet van 50.20 seconden slechten. ‘Maar toch was het onverwacht dat ik de wedstrijd alleen moest lopen, omdat mijn tegenstanders kort voor de wedstrijd toch niet mee konden doen. Toen ik het stadion in liep ervoer ik de support van mijn verzamelde temgenoten die op de tribune zaten. Het gaf mij het gevoel dat ik niet alleen hoefde te lopen, want ik hoorde hen roepen vanaf de tribune. Ik voelde mij goed na de warming-up en had het gevoel dat ik wel een goede tijd neer zou kunnen zetten. De race begon met een goede start. Ik kwam redelijk hard de bocht uit en liep relaxed de eerste 200 meter. Daarna liep ik volgens het raceplan en heb ik de tweede bocht aangevallen. Toen ik de bocht uitkwam, zag ik vanuit mijn ooghoek de klok. Ik besefte dat het zelfs mogelijk was onder de 50 seconden te duiken en dat zou betekenen dat ik de limiet zou halen. Op het laatste rechte eind zette ik nog wat meer door. Bij de finish zag ik mijn tijd van 49.18 en ik heb mij nog nooit zo blij gevoeld. En ook opgelucht, want ik voelde al een jaar de druk om onder de limiet voor de Spelen te lopen en dat is nu eindelijk gelukt.’

Eremetaal in Tokio

Tussen 24 augustus en 5 september vormt Tokio het epicentrum voor de Paralympische Spelen. Tijdens het toernooi loopt Olivier ook met atleten uit de soortgelijke categorieën T44 en T64. De T staat voor track. Sowieso loopt hij de 400 meter, maar daarnaast wil hij ook zichzelf laten zien op de 100 meter. De nummer twee van de wereld in 2019 krijgt op de 400 meter te maken met twee grote concurrenten uit Duitsland en Amerika. ‘Theoretisch gezien ben ik sneller dan de rest, dus een bronzen medaille lijkt haalbaar. Verder ben ik heel benieuwd hoe het gaat zijn: de ervaring van de Spelen. Van andere para-atleten hoor ik over de goede sfeer die er was tijdens eerdere Paralympische Spelen. Maar dit jaar zal het anders zijn door de coronamaatregelen en er zal minder publiek aanwezig zijn en sowieso geen familie uit Nederland.’ Uiteraard kijkt Olivier uit naar het toernooi zelf, zijn eerste Spelen. ‘Omdat het in een groot stadion wordt gelopen en omdat dit toernooi het hoogst haalbare is. Het is altijd een droom geweest om naar de Spelen te mogen, en als het goed is sta ik daar over minder dan twee maanden.’

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met CTS GROUP en de Atletiekunie

Hoofdfoto: Erik van Leeuwen. Profielfoto: Paul Raats

TAG Heuer Connected Aradrama review: The most fashionable

0 commentaar
FacebookTwitterEmail

CTS-talent Mark Heiden: ‘Hoop mee te doen voor het goud bij EK’

door Tijn Piest

Ook dit jaar ondersteunt het CTS GROUP Talententeam jonge atleten bij het najagen van hun dromen. We volgen vijf potentiële wereldtoppers, onder begeleiding van CTS GROUP en de Atletiekunie, in hun weg naar de top. In deze aflevering: hordeloper Mark Heiden (18), die uitkijkt naar de EK junioren van komende week.

Fouten

Al in zijn eerste race in de buitenlucht dit seizoen liep hij al onder de limiet voor de EK onder 20 jaar. Bij de Harry Schulting Games liet hij 13.56 seconden noteren op zijn specialiteit: 110 meter sprinten en tussendoor tien hordes van 99,1 centimeter hoog. ‘De race verliep best wel vlekkeloos, maar ik miste nog wat scherpte doordat het één van de eerste races van het jaar was’, blikt hij terug. ‘Ik maakte geen fouten en liep gewoon een solide race, maar nam te weinig risico om een supertijd te lopen. Het was wel na een lange tijd weer eens een PR op de 110 meter horden en daar was ik wel erg blij mee. Ik had zeker het gevoel dat de limiet erin zat, want ik voelde me fit en in de trainingen was te merken dat ik goed liep. Het hielp ook dat het een avondwedstrijd was, want ik loop normaal beter later op de dag.’ Toch heeft hij in de afgelopen wedstrijden nog niet bereikt wat hij wilde bereiken. ‘Ik had door een goede trainingsstage een heel goed gevoel gekregen over het seizoen. Na de 13.56 in Vught wilde ik doorgaan met snellere tijden lopen. Ik wilde richting de 13,4 of 13,3 seconden gaan voordat ik aan de EK zou deelnemen, maar dat is nog niet gebeurd. Wel ben ik blij dat ik erg constante tijden loop, maar ik zou willen dat deze een stuk sneller waren. Uit analyses blijkt dat ik op trainingen heel snel ben, maar door fouten tijdens de wedstrijd vertaalt dit zich nog niet naar snellere tijden. Dingen zoals een horde raken of mijn techniek niet helemaal goed uitvoeren.’

Lees ook: CTS GROUP Talententeam: De kampioenen van morgen

Dit is de eerste atleet die we belichten in de serie talenten uit het CTS GROUP Talententeam. In de volgende afleveringen lees je wat voor invloed het team heeft op Olivier Hendriks, Sven Roosen, Alida van Daalen en Rick van Riel.

Meerkamper

Mark Heiden

Zoals vele andere junioren kwam Mark voor zijn nog prille hordencarrière uit op de meerkamp. De atleet van het Rotterdamse PAC kon aardig kogelstoten, speerwerpen en verspringen, maar zijn talent kwam het meeste naar boven bij het sprinten en hordelopen. Daardoor traint hij sinds half mei onder leiding van hordencoach Brendan Troost bij Atletiek Trainingscentrum Rotterdam. ‘Het focussen op de horden was een goeie en logische keuze, want ik zou denk ik veel minder succes hebben gehad als ik me niet op het hordelopen had gefocust. Ik heb mezelf nooit echt als meerkamper gezien en het was ook bij de C junioren dat ik voor het laatst een meerkamp heb gedaan. De meerkamp vind ik wel een mooi onderdeel om naar te kijken, maar ik het zou het zelf niet meer willen doen.’

EK-goud op de meerkamp of op de horden?

‘Zoals ik al zei: ik ben een hordeloper, dus dan kies ik zeker horden boven de meerkamp. Ik ga dan ook voor EK-goud op de horden boven goud op de meerkamp. De keuze tussen de 60 meter en 110 meter horden is voor mij een hele makkelijke, want het slechtste deel van mijn race is de start. Meestal lig ik bij de start een klein beetje achter en haal ik daarna tijd in, dus dan ligt de 110 meter horden mij beter. Dan heb ik gewoon meer tijd om een slechte start goed te maken.’

Is de EK onder 20 jaar van 2019 het hoogtepunt uit je carrière tot nu toe?

‘De EK onder 20 jaar is zonder twijfel het hoogtepunt. Het feit dat ik mij toen al (16 jaar, red.) had geplaatst als atleet onder 18 jaar voor een internationaal toernooi U20 was voor mij al heel bijzonder. Maar dat ik zo boven mezelf uitsteeg op dat toernooi en uiteindelijk zilver won, maakte het echt ongelofelijk.’

You’ve Got Mail | Where to Stream and dndnha | Decider

Beloning

Het moment dat Mark begin dit jaar werd gebeld voor een plaatsje in het CTS GROUP Talententeam weet hij niet meer precies. ‘Maar ik weet wel dat ik het erg bijzonder vond om deze kans te krijgen.’ Eerder al maakte hij kennis met het team. ‘Iets van vijf jaar geleden had iemand in mijn trainingsgroep een clinic gewonnen voor het Talententeam, waar wij toen met de hele groep heengingen. Dat waren toen atleten waar ik tegenop keek, dus het is heel bijzonder om nu zelf onderdeel van het team uit te maken.’ De samenwerking met CTS GROUP en de Atletiekunie ziet Mark als een verrijking in zijn persoonlijke ontwikkeling. ‘Dit is mijn eerste sponsor en dat zorgt zeker voor motivatie. Het voelt ook wel als een beloning voor jaren hard trainen.’ Door corona heeft Mark nog niet veel tijd doorgebracht met de andere talenten van het CTS GROUP Talententeam. Hij weet nog niet veel van de skills en specialiteiten van de atleten. Wel wordt hij door de samenwerking gestimuleerd om nog meer uit zichzelf te halen. ‘Doordat ik nu deel uitmaak van een groep atleten die goede prestaties leveren, motiveert dit mij ook om zelf beter te presteren. Motivatie is dus het grootste pluspunt van het Talententeam.’

Mark Heiden in actie tijdens de Ter Specke Bokaal in Lisse afgelopen mei.

Nederlands record

Volgend jaar behoort Mark Heiden bij de senioren en loopt hij de hordensprint over dezelfde afstand: 110 meter. Echter moet hij dan hekken van 1,07 meter hoog passeren. Maar daar lijkt hij zich nog niet erg druk over te maken. ‘Ik heel veel zin in senior zijn, want dan krijg ik de mogelijkheid om veel grote wedstrijden te lopen. Indoor heb ik al over de 1,07m hordes gelopen en ik heb het gevoel dat ik, als ik me daar volledig op kan focussen, ik de overgang naar de hogere hordes goed kan maken. Ik hoop me dus snel aan te passen zodat ik volgend jaar veel grote wedstrijden kan lopen en veel mooie wedstrijden in andere landen mee te doen. Misschien plaats ik mij wel voor de EK senioren in München, dat hoop ik.’

Of hij al uitkijkt naar de Olympische Spelen van Parijs in 2024? ‘Als atleet moet je ambitieus zijn, dus de Spelen is zeker een toernooi waar ik naar uitkijk. Of het haalbaar is, zullen we in de komende jaren zien, maar ik ga er in ieder geval alles aan doen om daar te staan. In de tussentijd hoop ik nog EK’s en WK’s te lopen en daar over een paar jaar mee te doen voor finales en podia. Qua tijden is mijn doel om richting de lage 13 seconden te gaan, met als ultiem doel het Nederlands record van Robin Korving (13.15 seconden). Maar ja, dit is allemaal erg ambitieus zoals ik al zei. Als ik fit blijf en van de sport kan leven, ben ik al erg tevreden.’ Mark is dit jaar nog junior. Eerst volgen nog de Europese kampioenschappen voor atleten onder 20 jaar, die van 15 tot en met 18 juli plaatsvinden in de Estse hoofdstad Tallinn. In aanloop naar dat toernooi blijft hij nog werken aan zijn start, zijn grootste aandachtspunt. ‘We werken er in de training veel aan en er zit zeker vooruitgang in, maar er is nog veel te verbeteren. Deze races op hoog niveau die ik heb gehad, had ik nodig om straks scherp aan te start te staan op het EK.’ Over zijn missie bij de EK doet Mark niet geheimzinnig. ‘Als alles goed gaat hoop ik strak in Tallinn mee te doen voor het goud.’

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met CTS GROUP en de Atletiekunie.

Foto’s: Erik van Leeuwen en Paul Raats

0 commentaar
FacebookTwitterEmail
Nieuwe berichten
Oude berichten
Nieuwsoverzicht

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten