Home Laatste Nieuws Rising Star: Zeb Tesselaar

Rising Star: Zeb Tesselaar

door Tijn Piest

In deze uitgave van de rubriek Rising Stars belichten we Zeb Tesselaar. Hij is 17 jaar en komt uit Heerhugowaard. Zaterdag noteerde hij de beste prestatie allertijden U18 op de 400 meter: 47.77 seconden. Daarmee is hij de eerste Nederlander ooit in zijn leeftijdscategorie onder de 48. Verder is de junior behoorlijk goed in verspringen en de 200 meter: op beide onderdelen pakte hij de nationale indoortitel. In Amsterdam traint hij met diverse atleten richting de EK onder 18 jaar. Tijd voor een verdere kennismaking met Zeb, die vanwege de sport regelmatig in een bonusgezin verblijft en over een week zijn eindexamenuitslag hoort.

Een prachtige zaterdag in Leiden was het voor je, bij het NK Teams. Je boekte je tweede EK-limiet én de beste prestatie allertijden U18 van Nederland. Wat weet je nog van je 400 meter?

‘Het was een spannende race van hoog niveau, met onder andere Liemarvin Bonevacia. Ik wilde graag zo veel mogelijk punten halen voor mijn team en ik had ook wel de EK-limiet in m’n achterhoofd. Mijn laatste stuk ging erg goed en ik heb daarin nog een aantal atleten kunnen inhalen. Dat hielp enorm. Het was ook heel fijn en mooi om na de finish dit moment te mogen delen met mijn vrienden, trainingspartners en trainers van mijn club AAC Amsterdam.’

Wat zegt het jou dat je nu indoor én outdoor de beste Nederlander ooit bent in de categorie onder 18 jaar?

Zeb Tesselaar hijgt uit na zijn 400 meter in Leiden in 47.77 seconden.

‘Uhm ja, dat is eerlijk gezegd wel een lastige. Ik moet heel eerlijk zijn dat het ook nog een beetje moet landen, omdat alles tijdens het indoorseizoen zo erg vooruit is gegaan. Ik hoop vooral dat dit een teken is dat ik op de goede weg ben en dat ik mij straks ook mag aansluiten bij de Nederlandse seniorentop!’

Dan even naar het echte begin van onze vragen binnen Rising Stars… wanneer en hoe ben je ooit begonnen met atletiek?

‘Ik ben begonnen bij AV Hera in Heerhugowaard toen ik ongeveer 5,5 jaar oud was. Mijn broer Jeff deed toen al atletiek en mijn vader Pip heeft ook altijd gelopen bij Team Distance Runners. Het zat dus wel al in de familie kan je wel zeggen.’

Hoe ben je je gaan specialiseren? En wanneer ging je je meer toeleggen op verspringen en 400 meter?

‘Na het outdoorseizoen van 2025 was ik er wel al zeker van dat ik geen meerkamp meer wilde doen. Ik haalde er namelijk niet meer zo veel plezier uit en wilde mij liever gaan specialiseren. Met ingang van het indoorseizoen van 2026 had ik besloten om vanaf oktober 2026 volledig te gaan trainen bij AAC in Amsterdam en om mij toe te leggen op de lange sprint en het verspringen. Ook train ik nog discus en soms (lange) horden.’

Check ook: Rising Star – Kyan Ridderbos

Wat vind je eigenlijk het mooiste atletiekonderdeel?

‘Goeie vraag! Ik vind alle onderdelen leuk om te kijken. Ik vind alle sprint- en hordennummers en de 800 en 1500 meter erg mooi, vanwege de spanning en de korte duur waar het in moet gebeuren. Natuurlijk vind ik verspringen ook mooi, vooral als het veld dicht bij elkaar ligt. De aankomende tijd kan ik nog niet kiezen en hoop ik beiden te kunnen combineren en te blijven presteren op een hoog niveau. Op de langere termijn denk ik wel dat ik mij meer zal gaan toeleggen op de 400 meter. Ik zie op dat onderdeel meer mijn toekomst op dit moment.’

Wie is je coach? Hoe vaak train je per week en waar? Wie zijn je vaste trainingsgenoten?

‘Ik train vaak 5/6 keer per week en meestal bij AAC in Amsterdam onder leiding van Niels Kruller en Marita Swart-van Zwol, met assistentie van Dave Elderenbosch en Youssef el Rhalfioui. Ik train met een enorm leuke groep, met bijvoorbeeld Eljahro Philipsen, Ids Elderenbosch, Benjamin Johannes, Joël Wondel en Yaïr & Jefta van der Feen. Onze springgroep bestaat onder andere uit Kellynsia Leerdam, Bente van der Stoel en Felicia Felter. Daarnaast train ik discus bij Martin Wijnand. Veel van mijn trainingsgenoten zijn ook goede vrienden. Iedereen is erg gedreven en ik denk dat we elkaar tot een hoger niveau brengen. Ik ben daar erg dankbaar voor!’

Heb je een bijbaantje? Waarom wel of niet?

‘Nee, helaas heb ik daar te weinig tijd voor. Ik ben nu nog veel tijd kwijt aan reizen richting Amsterdam. Vooral de dagen dat ik met het openbaar vervoer moet. Soms doe ik wat werk voor het bedrijf van mijn ouders en ik geef nog redelijk vaak training aan pupillen en junioren. Helaas heb ik nog geen ondersteuning van sponsoren, maar die zijn natuurlijk altijd welkom! Mijn ouders zijn erg belangrijk voor mij in mijn sportcarrière. Ze ondersteunen mij en financieren een hoop. Mijn moeder Linda brengt mij vaak naar het station of naar Amsterdam voor trainingen. Het is fijn dat je altijd terug kan vallen op je ouders voor advies.’

Hoe is dit voorjaar voor jou verder verlopen? Volgens mij best een drukke periode, met de examens. Hoe ben je het allemaal doorgekomen?

Zeb Tesselaar vliegt naar de verspringbak in Lisse in mei. Zijn persoonlijk record noteerde hij in februari: 7.24 meter.

‘Het was wel een beetje druk en ik ben vooral erg blij dat ik het nu achter de rug heb. Gelukkig stond ik er erg goed voor en is school me altijd wel redelijk makkelijk af gegaan. Daardoor ging ik met veel vertrouwen de examens VWO in. Deze zijn ook goed verlopen. Ik denk in ieder geval goed genoeg. Verder ben ik dit voorjaar op trainingsstage geweest naar Kreta met mijn trainingsgroep. Dat waren echt twee topweken!’

Je liet al weten dat je het minimale wilde doen om te kunnen slagen en toch ook te presteren op de baan. Kun je dat uitleggen?

‘Ik wilde graag al mijn trainingen blijven doen en gewoon mijn focus op me sport houden. School staat wel op twee bij mij eerlijk gezegd, gelukkig had ik daar al een goede buffer qua cijfers voor opgebouwd. Ik hoefde daardoor eigenlijk heel weinig te leren voor me examens en heb het daarmee als het goed is ook gehaald.’

Wat doe je graag naast atletiek?

‘Ik ga het liefste uit of op stap met vrienden eigenlijk. De tijd die ik over heb naast school en sport ben ik wel veel te vinden met hen in Amsterdam of Heerhugowaard. Veel ben ik bij mijn “bonusgezin”: de familie Elderenbosch in Amsterdam. Ik eet daar sowieso altijd op donderdag, bij Yvonne Hak (Europees kampioene 800 meter 2010) en Dave. Vaak slaap ik daar ook in de weekenden. Hun zoon Ids is mijn beste vriend. Het is fijn dat je iemand hebt die je soms net wat beter snapt en met wie je kan praten over dingen binnen en buiten de sport. 2025 was best een lastig jaar qua sport en privé. Nu beleef ik veel meer plezier en denk dat ik ook een stuk beter ben gaan presteren, ook dankzij andere vrienden van AAC. Mijn overige tijd gebruik ik om door te brengen met mijn gezin en mijn oma.’

Je noemde hem al, ook niet onbelangrijk… kun je wat vertellen over de band met jouw broer Jeff Tesselaar?

‘Jeff en ik hebben het vaak gezellig samen. We hebben wel precies omgekeerde persoonlijkheden. Daardoor hebben we veel mooie momenten samen, maar ook zo nu en dan een klein meningsverschil. Helaas zien we elkaar wel niet zo vaak, omdat Jeff op Papendal traint en alleen in de weekenden thuis is. Dan ben ik juist weer vaak zelf op stap in Amsterdam of ergens anders. We houden wel veel contact via de telefoon. Hij heeft me zeker geïnspireerd de afgelopen jaren. Ook denk ik dat het erg bijzonder is dat we samen meedoen in de Nederlandse top bij verspringen als broers, terwijl we beiden niet gespecialiseerd daarin zijn. Ik kan nog goed aan hem optrekken in de aankomende jaren.’

Zeb feliciteert zijn broer Jeff (met vlag) na zilver op het EK tienkamp onder 23 jaar in 2025.

Wat hebben jullie aan elkaar in wedstrijden?

‘Het is sowieso fijn voor mij dat ik altijd iemand heb bij wie ik terecht kan voor advies. Jeff is natuurlijk al enorm ervaren en dat maakt dat ik al kan leren van fouten die hij gemaakt heeft. Verder is het ook gezellig dat we naar grote wedstrijden en NK’s gaan als gezin. Het geeft een fijn gevoel dat je altijd weet dat je een aantal trouwe supporters aan je zijde hebt staan.’

Kijk je naar iemand op in of buiten de sport?

‘Ik kijk niet per se op tegen één persoon. Ik haal voornamelijk inspiratie uit mensen die ergens hard voor werken. Voor één bepaald doel. Het niveau of de manier waarop maakt mij niet veel uit. Denk bijvoorbeeld aan al mijn trainingsgenoten die hard trainen voor een nieuw PR, mijn ouders die iedere dag werken om de beste bloemen te kweken of vrienden die hard werken om geld te verdienen. Verhalen van volharding en doorzettingsvermogen vind ik mooi. Ieder verhaal vind ik interessant.’

Wat worden je volgende wedstrijden?

‘Ik ben van plan om zaterdag 13 juni een 200 meter te doen bij de Gouden Spike in Leiden. De dag erna denk ik verspringen bij het Amsterdam Jumps Fest op mijn thuisbaan. Die week erna is nog de derde competitieronde. Tussen 26 en 28 juni sta ik natuurlijk aan de startstreep van de NK junioren in Utrecht. Half juli zijn de Europese kampioenschappen onder 18 jaar in Italië, daar heb ik enorm veel zin in! De finales van verspringen, 200 meter en 400 meter zijn op dezelfde avond. Ik ga wel voor één onderdeel kiezen. Niet dat ik wed op twee paarden en dat ze beiden net niet naar wens gaan. Het is nog even aankijken hoe verspringen gaat. Ook in de 400 meter zit nog verbetering denk ik. Als het goed is ben ik daar in Rieti in de piek van mijn seizoen. Met een PR zou ik enorm tevreden zijn. Een finaleplek zou natuurlijk wel heel gaaf zijn!’

Waar kijk je verder naar uit dit jaar?

‘Verder kijk ik uit naar de zomer, waarin ik met mijn ouders naar de EK in Birmingham ga (om hopelijk Jeff aan te moedigen) en leuke dingen ga doen met mijn vrienden. Ook ga ik (hopelijk) in augustus verhuizen richting Amsterdam. Volgend jaar ga ik daar Bedrijfskunde studeren aan de Vrije Universiteit en ik blijf daar natuurlijk trainen. Daardoor was de keuze makkelijk gemaakt om daar te gaan wonen. Dit gaat gelukkig een hoop gereis schelen. Natuurlijk hoop ik ook dat ik 11 juni een goed belletje krijg en dat mijn diploma mag ophalen!’

Ga je je dit jaar nog laten zien op de 400 meter horden? En welke tijden hoop je stiekem nog neer te zetten?

‘Ik ben wel van plan om nog een 400 meter horden te doen. Dit gaat wel pas na het EK worden, zodat ik me volledig daarop kan voorbereiden. Ook kan ik dan wat beter erop trainen. Bij de eerste competitieronde kwam ik namelijk een paar hordes heel slecht uit of liep ik hard tegen een horden aan… Verder hoop ik onder de 22 seconden te kunnen duiken op de 200m en om mijn 100m PR nog wat aan te scherpen. Ik denk ook dat er nog iets meer in het verspringen zit, maar dat moet nog allemaal even klikken. Voor de 400m weet ik het nog niet, ik ben op dit moment nog even aan het nagenieten van zaterdag. Daarna ga ik weer verder kijken hoe ik eventueel nog wat harder zou kunnen lopen! :)’

Foto’s: Erik van Leeuwen

Nieuwsoverzicht

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten