Home Voorpagina De keiharde realiteit van topsport

De keiharde realiteit van topsport

door hardloopnetwerk

Aan de top komen is makkelijker dan er te blijven. Een bekende uitspraak die in elke tak van sport van toepassing is. Als je als atleet eenmaal bent doorgebroken, dan gelden er andere wetten. Mensen kijken kritischer naar je prestaties en de vrijblijvendheid is er niet meer. Voor veel atleten een bekend fenomeen, want de afgelopen jaren was het een komen en gaan van atleten.

Door de redactie

De druk van de buitenwereld lijkt steeds hoger te worden in de maatschappij. Sociale media en verwachtingen van ouders en kinderen zelf dragen daar een steentje bij, want een kind moet het liefst in alles goed zijn. Een VWO-diploma, topsport bedrijven en het tonen van een geweldig leven op Instagram lijken er tegenwoordig allemaal bij te horen. Toch is de werkelijkheid echt anders.

De toewijding aan topsport heeft ook zo zijn keerzijdes. In de jeugdjaren moet al hard getraind worden en verjaardagsfeestjes moeten zo nu en dan worden overgeslagen, omdat er morgen ‘gewoon’ getraind moet worden. Maar is dat de ‘way to go’? In de jeugdjaren trainen is natuurlijk heel belangrijk, maar het gevaar van overtraining en een te hoog verwachtingspatroon levert vaak niet het gewenste resultaat op. Wie de jeugdfoto’s van de Atletiekunie doorbladert, ziet dat maar een enkeling echt weet door te breken.

Björn Koreman als voorbeeld
Een mooi voorbeeld is de 27-jarige Björn Koreman. Tot een paar jaar geleden stond hij nog regelmatig in de kroeg met een sigaretje in zijn hand. Hij besloot het roer volledig om te gooien en laat zijn pilsjes en zijn pakketje sigaretten inmiddels links liggen en focust zich op zijn hardloopcarrière. Niet onverdienstelijk, want de Brabander behoort inmiddels tot de Nederlandse subtop en maakt elk jaar nog flinke stappen.

Ouders hebben niet altijd een positief effect
Ouders dragen ook bij met het te hoge verwachtingspatroon van hun kind. Al snel wordt een kind bestempeld als toptalent, terwijl dit niet altijd het geval is. Vanzelfsprekend is een kind met heel veel trainingsuren beter dan iemand die minder vaak traint, maar de praktijk wijst uit dat het kind met minder trainingsuren op latere leeftijd beter blijft lopen. De visie van topcoach Bram Wassenaar sluit daar perfect bij aan. Zijn atleten zijn altijd rond hun dertigste op hun best, terwijl een ’toptalent’ als tiener al piekt.

Het is daarom ook niet gek dat veel atleten midden twintig eieren voor hun geld kiezen. De progressie valt tegen en andere verleidingen zoals een goede baan liggen op de loer. Atletiek is niet lucratief en daardoor hebben atleten soms weinig keus. Gelukkig zijn er wel veel atleten die bewust trainen en niet op 21-jarige leeftijd al 175 kilometer per week lopen. Het blijft immers makkelijker om aan de top te komen, dan om er te blijven….

Foto: Max Kooijmans

 

 

Nieuwsoverzicht