Home Laatste Nieuws Rising Star: Doutsen Leijenaar

Rising Star: Doutsen Leijenaar

door Tijn Piest

In deze uitgave van de rubriek Rising Stars belichten we Doutsen Leijenaar. Zij is 14 jaar en komt uit Hurdegaryp. Dit indoorseizoen boekte ze een uniek kwartet aan Nederlandse titels in de categorie onder 18 jaar. Op de vijfkamp maakte de atlete van het Friese AV Lionitas indruk met 4085 punten, net iets minder dan het nationaal record. Afgelopen weekend kwam ze in Apeldoorn in actie op de onderdelen horden, hoog en ver: op alle drie pakte ze goud. Tijd voor een verdere kennismaking met Doutsen, die haar basis legde in Thialf en vier dagen in de week naar vwo 4 gaat.

Een prachtig weekend was het voor je bij de NK indoor onder 18 jaar in Apeldoorn, met drie keer goud. Welk gevoel overheerst bij jou enkele dagen later?

‘Ik ben natuurlijk ontzettend blij dat het is gelukt. Ik wist dat het mogelijk was, maar het moet natuurlijk ook nog allemaal even lukken. Het is echt een opluchting, want ik keek er al heel lang naar uit. Nu neem ik lekker rust en geniet ik nog na door de filmpjes terug te kijken. Het voelt wel een beetje apart, omdat ik voorlopig even geen nieuw doel heb om naartoe te werken. Maar misschien is dat nu ook juist wel even goed.’

Je noteerde 5.82 meter bij verspringen, 1.72 meter bij hoogspringen en 8.52 seconden bij 60 meter horden. Welk onderdeel verliep het best?

‘Ik denk dat hoogspringen het beste ging, omdat ik daar een persoonlijk record van één centimeter sprong. Vorig jaar won ik met 1.68 meter, dus het is mooi om te zien dat ik mezelf weer heb verbeterd. Volgens mijn trainer was dit technisch gezien mijn beste wedstrijd tot nu toe en dat zorgde ook voor dat nieuwe PR. Daarna ben ik gestopt, omdat ik me ook nog wilde focussen op de 60 meter horden. Ik keek vooraf wel een beetje op tegen hoogspringen, omdat ik het altijd een lastig onderdeel vind. Juist daarom was ik extra blij toen het erop zat én goed was gegaan.’

Ook je NK vijfkamp op 15 februari ging volgens mij fantastisch. Je won de Nederlandse titel en bent het tweede meisje op de allertijdenranglijst. Hoe zou je je indoorseizoen willen samenvatten?

‘Ja, de vijfkamp was echt bijzonder voor mij. Persoonlijk vind ik die titel nog specialer, omdat het mijn eerste indoormeerkamp was. Ik vond het ontzettend leuk, het was eigenlijk ook het hoofddoel van het seizoen. Daarnaast haalde ik drie PR’s – altijd fijn natuurlijk! Helaas zat ik 12 punten onder de beste prestatie allertijden U18 van Julia Dokter, maar dat bewaar ik gewoon voor volgend jaar. Dit indoorseizoen ging eigenlijk nog beter dan ik had verwacht. Het begon bij het NK U16, waar mijn trainer en ik nog even teruggingen naar de kortere 60 meter horden. Daar liep ik op het NK U16 de snelste tijd ooit – dat was zeker ook heel speciaal. Bij sommige PR’s verbaasde ik mezelf echt. Ik vind indoor sowieso altijd leuker dan outdoor, vooral door de gezellige sfeer in Omnisport.’

Dan even naar het echte begin van onze vragen binnen Rising Stars… wanneer en hoe ben je ooit begonnen met atletiek?

Doutsen Leijenaar tijdens de NK vijfkamp eerder deze maand, waar ze haar eerste goud in de klasse onder 18 jaar won.

‘Het is eigenlijk best een grappig verhaal. Wij komen uit de paardensport en hebben ook thuis paarden staan. Toen ik tegen mijn moeder zei dat ik op atletiek wilde, dacht ze eerst dat het maar een fase was. Dat het wel weer over zou gaan. Maar toen ik op zevenjarige leeftijd voor het eerst op de atletiekbaan mocht rennen, was ik meteen verkocht. Sindsdien ben ik er nooit meer vanaf gegaan. Toen het serieuzer werd, was het niet meer te combineren met paardrijden, en toen heb ik uiteindelijk gekozen voor atletiek.’

Lees ook: Rising Star – Eljahro Philipsen

Hoe is jouw liefde voor de meerkamp ontwikkeld?

‘Ik vind eigenlijk alle onderdelen van de meerkamp heel leuk, en ik merkte dat ik ze allemaal een beetje beheers. Ik vind het ook bijzonder dat je goed moet zijn in meerdere onderdelen. Soms heb ik wel moeite met de werponderdelen, maar dat maakt het niet minder leuk. Het mooie van een meerkamp is dat je altijd een slecht resultaat in één onderdeel kunt goedmaken in een ander. Het is soms een echte uitdaging, zowel mentaal als fysiek. Als een onderdeel slecht gaat, moet je even schudden en doorgaan, terwijl je ondertussen steeds vermoeider wordt. En dan komt als laatste het zwaarste onderdeel, de 800 meter. De meerkamp heeft mijn voorkeur, omdat ik hierop merk dat ik de meeste progressie kan maken.’

Heb je een favoriet atletiekonderdeel? 

Doutsen Leijenaar (midden) op het podium bij de NK indoor onder 18 jaar afgelopen weekend.

Jazeker! Mijn lievelingsonderdeel is echt de horden, of het nu de 60 meter horden indoor is of de langere afstand horden in de buitenlucht. De 300 meter horden vind ik het allerleukst, de 400 meter horden heb ik nog nooit gelopen. Het geeft zo’n adrenalinekick om met hoge snelheid over de horden te gaan. Bij de 300 meter merk ik dat mijn lange pas echt handig is, omdat ik goed naar de horden kan versnellen. Helaas loop ik deze afstand alleen bij de U16. Bij de kortere horden heb ik door mijn lengte soms wat moeite met de start richting de eerste horden, maar zodra ik op gang ben, kan ik mijn snelheid echt benutten. Je zou bijna kunnen zeggen dat je mij wakker kunt maken voor een 300 meter horden.’

Je traint bij het Regionaal Trainingscentrum Noord Atletiek. Wie is je coach? Hoe vaak train je per week en waar?

‘Mijn coach is Sybout Wijma en ik train nu ongeveer anderhalf jaar bij hem. Dat verloopt heel goed, want ik vind zijn manier van uitleggen erg fijn. Sybout traint mij in hoogspringen, hordelopen, speerwerpen en de langere sprints. Ik train drie keer per week bij hem en één keer bij Simone Falkena. Dit doe ik op de atletiekbaan in Heerenveen of in de winter in de krachthal van Thialf. Heerenveen is net iets langer dan een half uur rijden vanaf mijn huis maar wij hebben het ervoor over. Simone, waar ik ook goed mee kan samenwerken, traint mij in verspringen en kogelstoten. Daarnaast train ik nog één keer thuis, waar ik heuveltraining en lenigheidsoefeningen doe.’

Aan wie kun je vaak optrekken in trainingen?

‘Ik train altijd met oudere atleten en met twee andere meerkampsters: Meike Huistra en Sabrina Cruden. Door met hen te trainen word ik zelf ook beter. Ik vind het fijn om bijvoorbeeld tegen elkaar te hordelopen, omdat het niveau dicht bij elkaar ligt. En het is natuurlijk hartstikke gezellig!’

Hoe is het om in Thialf te kunnen trainen? Loop je daar ook veel schaatsers tegen het lijf?

‘Ontzettend fijn. Zo kan ik mijn onderdelen nog beter verbeteren, ongeacht het weer. Bekende schaatsers als Jenning de Boo, Jutta Leerdam en Femke Kok kom ik wel eens tegen, wat ik echt speciaal vind. Je merkte ook dat de sfeer in aanloop naar de Winterspelen gespannen was.’

Aanstaande zondag de eerste World Marathon Major van het jaar: Tokio

Heb je een bijbaantje? Heb je verder ondersteuning van sponsoren op dit moment?

Hoogspringen traint ze in de winter in de hal boven/naast de ijsbaan van Thialf.

‘Op dit moment heb ik geen bijbaantje. In de zomervakantie had ik er wel één, maar dat was na de vakantie niet vol te houden, omdat het eigenlijk een beetje teveel werd om het naast de trainingen te doen. Ik heb helaas nog geen sponsor, maar ik ben er ook nog niet actief naar op zoek. Hopelijk komt dat in de toekomst!’

Hoe ziet jouw schoolleven eruit? Ben je erg druk met je studie?

‘Ik zit momenteel op het Carmel Lyceum in Hurdegaryp, 4 vwo en merk dat het steeds moeilijker wordt. School vraagt best veel van je en ik vind vooral de vakken natuurkunde en wiskunde B lastig. Op mijn school gaat het net iets anders. Ik moet van maandag tot en met donderdag van 9:00 tot 17:00 uur naar school en daarna meteen door naar de training. Gelukkig krijg ik veel energie van atletiek, maar soms merk ik dat het best vermoeiend kan zijn, vooral omdat je altijd een beetje moet stressen of je wel op tijd komt. School is natuurlijk belangrijk, maar ik vind mijn prestaties in de atletiek toch iets belangrijker. Daarnaast vind ik het leuk om met mijn vriendinnen af te spreken of gewoon een lekker filmpje op de bank te kijken. Ik heb niet echt veel hobby’s, maar ik vind het wel leuk om iets gezelligs te doen.’

Hoe ga jij om met druk? Voel je die extra voor een meerkamp of is het voor elke wedstrijd ongeveer hetzelfde?

‘Ik denk dat ik vooral mezelf druk opleg, omdat ik alles heel goed wil doen. Tegelijk merk ik dat die druk nodig is om goed te presteren; daardoor haal ik het beste uit mezelf. Ik verkramp niet, maar wordt er juist beter van. Voor een meerkamp leg ik mezelf altijd het meest druk, omdat ik de meerkamp belangrijker vind dan elk los onderdeel. Ik train natuurlijk niet voor niets al die onderdelen, dus dan wil ik ze ook allemaal goed doen. Al was voor mij afgelopen weekend, de NK onder 18 jaar voor losse onderdelen, eigenlijk meer een bonuswedstrijd, omdat het NK vijfkamp al achter de rug was.’

Kijk je naar iemand op in de sport?

‘Ik heb niet echt een idool in de atletiekwereld, maar ik vind het wel leuk om naar de professionals te kijken. Ze inspireren me om zelf ook op zo’n groot toernooi te staan. Vooral de Belgische Nafissatou Thiam vind ik indrukwekkend, door haar records en titels op de meerkamp. Ik zag haar goud winnen bij de Olympische Spelen in Parijs. Daar heb ik ontzettend genoten van de meerkampsters. Het gaf me echt een boost en nog meer motivatie om zelf beter te worden.’

Ik neem aan dat indoor erop zit nu voor je. Waar kijk je in het outdoorseizoen naar uit?

‘Het indoorseizoen is voor mij nog niet helemaal voorbij. Ik heb nog één wedstrijd, de Interlands Games in Dortmund (weekend van 14 en 15 maart). Ik kreeg een uitnodiging voor de onderdelen die ik op de NK had gewonnen. Ik heb besloten om alleen verspringen te doen, om nog voor een persoonlijk record te gaan. Helaas mag ik in de zomer nog niet naar de EK onder 18 jaar, omdat ik daarvoor te jong ben. Ik hoop mezelf dit jaar te verbeteren in de werponderdelen.’

 Wanneer is 2026 geslaagd voor jou? Zowel privé als qua school en sport?

‘Mijn indoor 2026 is eigenlijk al wel dik geslaagd. Er is nog veel te verbeteren, maar ik heb geen blessures opgelopen en kan nog keihard trainen. Ik wil natuurlijk nog meer PR’s halen, maar je moet ook niet te snel willen gaan. Ik denk dat ik me voorlopig nog niet specialiseer op één onderdeel. Nu zie ik mijzelf het verst komen in de meerkamp.’

Heb je verder grote dromen of doelen voor de komende jaren?

‘Mijn doel is niet echt dat ik per se op de Olympische Spelen moet staan. Dat is nog wel ver weg. Een doel dat ik al heel lang heb is om in 2028 naar de EK atletiek onder 18 jaar te gaan. Dan ben ik tweedejaars U18, en ik hoop daar een hoge klassering te behalen in de meerkamp, maar wie weet ook wel in een ander onderdeel.’

Foto’s: TPJ Verhoeven, Coen Schilderman & Sybout Wijma

De Hardloopnetwerk Nieuwsbrief lezen? Ontvang elke maandag de hoogtepunten van afgelopen week in je mailbox.

Nieuwsoverzicht

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten