De Europese én wereldtitel obstakelloop had ze al en sinds zondag is ze ook weer de beste van Nederland in surivalrun. In een wit Beltrum kroonde Elsa Rijpstra zichzelf tot nationaal kampioene over de lange afstand (23 kilometer). In het dagelijks leven doet ze onderzoek voor defensie en timmert ze aan een obstakelbaan in haar thuisprovincie Friesland. Ook haar liefde voor atletiek is groot.
Ruim vijftien en een halve minuut voor de tweede dame finishte Elsa Rijpstra zondag in de vroege middag in Beltrum. Na 23 kilometer in 0 à 1 graad Celcius en 63 hindernissen in een wit Achterhoeks landschap zegevierde de 24-jarige atlete op het Mariaplein. De klok liet ze stilzetten op 2 uur, 48 minuten en 40 seconden, prolongatie van haar Nederlandse titel lange afstand was een feit. Twee dagen later zijn de benen nog wat vermoeid en rest spierpijn in haar armen en rug. ‘Maar ook in de benen dit keer’, vertelt ze telefonisch, ‘door het ijs en de sneeuw’. Was het geen Nederlands kampioenschap, dan was Rijpstra ook niet van start gegaan in Beltrum, waar al drie edities sprake is van temperaturen rond het vriespunt. ‘Ik houd helemaal niet van kou. Ik dacht: ik hoef eigenlijk niet mee te doen. Vorig jaar zijn er atleten onderkoeld uit de wedstrijd gehaald. Een survivalrun gaat bijna altijd door.’
In de uitslag leek het toch alsof je weinig last had van de kou.
‘Het viel me honderd punten mee. Ik had neopreen kleding aan om warm te blijven, wat ook in veel watersporten wordt gebruikt. Door het klimmen in een survivalrun worden je handen en vingers echt koud. Je moet veel harder knijpen om te blijven hangen, je verzuurt sneller, het gaat moeizamer. Ik ben na de start om 9:15 uur snel mijn eigen tempo gaan lopen. Het is leuk om je aan de heren op te trekken. Zij klimmen vaak sneller, lopen is mijn winst.’
Open Nederlands kampioenschap lange survivalrun (23 kilometer) in Beltrum
Heren 1 – Teun Geessinck 2 – Harm Okkema 3 – Arjan Feenstra
Dames 1 – Elsa Rijpstra 2 – Bo de Groot 3 – Florence van Helten
Alle uitslagen vind je hier. Elsa werkt langzaam toe naar 8 februari: het NK middellange survivalrun in Zwolle.
Wat inspireerde jou om ooit de touwen in te gaan?
‘Op mijn negende ben ik begonnen, bij Survival Vereniging Leeuwarden. Mijn vader liet me foto’s zien van atletiek en survival en dat laatste leek me fantastisch. Hij wilde mij op atletiek hebben, daar had ik helemaal geen zin in. Ik vond hardlopen niet leuk. Ik weet niet meer goed wat me zo trok aan survival, maar nu zit bijna mijn hele familie erop. Later heb ik hardlopen en atletiek bij AV Lionitas opgepakt. Vanaf mijn zestiende begon ik met OCR (obstacle course racing). Vanuit een survivalrun kun je redelijk goed doorstromen naar obstakelloop.’
Check ook: Deze crossen mag je niet missen deze winter

Wat is het grootste verschil tussen obstakelloop en survivalrun?
‘De soort hindernissen. Een survivalrun heeft langere hindernissen, waarbij je sneller in de verzuring gaat. Bij een obstakelloop ben je explosiever bezig, meer op kracht. Ik ben niet extreem sterk. Ook loop je meer met gewichten in een obstakelloop. Beide sporten doe je redelijk individueel. Al zijn er bij Europese en wereldkampioenschappen bij een obstakelloop ook teamraces. Die doe ik sinds twee jaar. Survival blijf ik het allerleukst vinden. Hoe het is opgezet en georganiseerd. Een survivalrun zie je in Nederland in grote steden weinig. In de Achterhoek zijn veel clubs en runs, daar is de survivalsport gooit begonnen. De survivalsport is niet heel bekend buiten Nederland.’
Je doet ook aan atletiek. Hoe ziet die balans eruit?
‘Bij de survivalvereniging train ik meestal twee keer in de week. Atletiektrainingen doe ik normaal gesproken bij Lionitas in Leeuwarden en kracht als ik er tijd voor kan vinden. Momenteel train ik één keer per week in Amersfoort AV Triatlon bij de groep van Aart Bakker. Het is heel leuk om toplopers in actie te zien. Ik loop niet zo snel als de echte toppers op de baan. Dat zou ik graag willen. De discipline van topatleten vind ik fantastisch. En hoe ze bij blessures zo goed kunnen crosstrainen, zoals Jasmijn Lau. Haar ken ik goed vanuit mijn studie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Nu doe ik een stage bij defensie, voor de Nederlandse Organisatie voor toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek in Soesterberg. Ik woon tijdelijk in Leusden.’
En je helpt in Friesland met de bouw van een trainingsbaan voor obstakelloop, toch?

‘Dat is wel grappig. Samen met ander meiden ben ik daarmee bezig in Oentsjerk, een kleine kilometer van waar mijn ouders wonen. Dat staat nu op een laag pitje. Over een maand, na mijn stage, is het plan om wat lessen te geven. Voor mij was Staphorst het dichtst bij voor obstacle running.’
Check ook: Tips van viervoudig winnares Marja Bak-Wokke voor Egmond Halve Marathon
Kun jij eigenlijk leven van de sport?
‘Nog niet. Vorig jaar heb ik wel wat geldprijzen gewonnen waar je echt iets aan hebt. De Spartan Beast is een grote wedstrijdreeks, bij de race in Finse Lahti won ik zo’n 3000 euro. Ik studeer nog, het is niet erg dat ik met obstakelloop nog niet zo veel verdienen. Van een jaarsalaris is geen sprake in de sport. In de komende jaren wil ik er wel van kunnen leven. Het is zaak te zoeken naar de wedstrijden die wat meer opleveren.’
Welke hardlopers zou je een obstakelloop of survivalrun aanraden?
‘Voor sprinters kan ik het niet aanraden, tenzij ze het een keer voor de lol willen doen. Begin lekker zomers, met een beetje training, dan is een survivalrun wel leuk om met vrienden te doen. De meeste clubs laten je wel even meetrainen. Zorg wel voor een lange broek. Daar moet ik wel om lachen, recreanten die met een korte broek aan de start van een run verschijnen. Het kan, maar het is niet zo verstandig door die touwen en ander hindernissen. Schaafplekken houd ik altijd aan een wedstrijd over.’
Foto’s: Kathy Oudenaller / Survival Bond Nederland
De Hardloopnetwerk nieuwsbrief lezen? Ontvang elke maandag de hoogtepunten van afgelopen week in je mailbox.
- Egmond Halve Marathon 2026
- Review: Brooks Glycerin 23
- 100% natuurlijke sportvoeding is fijn, maar werkt het ook?
- Vijf tips van viervoudig winnares Marja Bak-Wokke voor de Egmond Halve Marathon
- Marathonblokken in Rotterdam, Utrecht en Soest
